Naar inhoud springen

Pagina:Herodotus, Muzen II (vert. v. Deventer 1893).pdf/30

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

goras verder en verhoogde steeds het geld, tot hij vijftig talenten had aangeboden en het kind uitriep: „Vader, de vreemdeling zal u verderven, zoo ge niet van hier gaat." En Cleomenes verheugde zich in den raad van het kind en ging naar een ander vertrek, en Aristagoras verliet Sparta geheel, noch had hij gelegenheid uitvoeriger te berichten over den weg naar den koning.

52. Want met dien weg is het zóó. Er zijn overal koninklijke rustplaatsen en de schoonste herbergen, en de gansche weg gaat door bewoond land en is veilig. Door Lydië en Phrygië nu heen strekken zich twintig rustplaatsen, vier en negentig en een halven parasang. Op Phrygië volgt de rivier de Halys, waarbij passen zijn, die ge met allen noodzaak moet doorgaan en zóó de rivier overtrekken, en een groot wachthuis is bij die rivier. Trekt ge over naar Cappadocië en reist ge daardoor heen tot aan het gebied der Ciliciërs, dan zijn er op twee na dertig rustplaatsen, honderd en vier parasangen. Bij het gebied van dezen gaat ge twee passen door en twee wachtposten voorbij; voor wie dezen is doorgegaan en den weg door Cilicië maakt, zijn er drie rustplaatsen, vijftien en een halve parasang. De grens tusschen Cilicië en Armenië is een door schepen over te varen rivier, wier naam Euphrates is. In Armenië zijn er vijftien rustplaatsen met herbergen, en zes en vijftig en een halve parasang, en er is daar een wachtpost in. Uit dit Armenië in het land der Matiënen gaande, hebt ge vier en dertig rustplaatsen, en zeven en dertig en honderd parasangen. Vier rivieren, met een vaartuig over te trekken, stroomen er doorheen, die ge met allen noodzaak overtrekken moet, vooreerst de Tigris, daarna een tweede en een derde, die denzelfden naam Zabatos[1] hebben, terwijl zij

  1. Waarschijnlijk uitgevallen.