Naar inhoud springen

Pagina:Herodotus, Muzen I (vert. v.Deventer 1893).pdf/363

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

gelegd. Want een dochter van Zopyrus, zoon van Megabyzus, een jonkvrouw, had hij verkracht; toen hij daarop door koning Xerxes om die oorzaak zou gespietst worden, smeekte de moeder van Sataspes, een zuster van Darius, hem los, zeggende, dat zij hem een grootere straf zou opleggen dan gene; want hij zou gedwongen worden Libye om te varen, tot hij na het omgevaren te zijn, in de Arabische golf terugkwam. Toen Xerxes op die voorwaarde toestemde, ging Sataspes naar Egypte, en ontving schepen en schepelingen van hen en zeilde naar de zuilen van Heracles. Daar doorheen gevaren en het voorgebergte van Libye omgebogen zijnde, dat Soloïs heet, voer hij naar den middag. Toen hij in veel maanden veel zee had doorgetrokken, keerde hij om, daar hij nog altijd meer tijd noodig had, en voer terug naar Egypte. Van daar tot koning Xerxes gekomen verhaalde hij, bewerende, dat hij in het verste deel kleine menschen was langsgevaren, die kleederen van palmbladen hadden, en die, toen zij met het schip bij de kust waren gekomen, naar de bergen gevlucht waren, hun steden verlatende; zelf hadden zij, in dat land gaande, genen geen kwaad gedaan, doch slechts het vee daaruit gevangen. Dat hij Libye niet geheel omgevaren had, daarvan was de oorzaak, zeide hij, dat het schip niet bij machte was verder te gaan, doch weerhouden was. Doch Xerxes geloofde niet, dat hij de waarheid sprak, en daar hij den opgelegden taak niet volbracht had, liet hij hem spietsen, de oude straf uitvoerend. Een gesnedene van dezen Sataspes liep weg naar Samos, zoodra hij het einde van zijn meester vernomen had, met groote schatten, die een man uit Samos in bezit kreeg, wiens naam ik weet doch opzettelijk verberg.

44. Het grootste gedeelte van Azië werd door Darius