Naar inhoud springen

Pagina:Herodotus, Muzen I (vert. v.Deventer 1893).pdf/422

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

onderzocht alles en bracht hen vooreerst tot drie stam- men, op de volgende wijze scheidend. Hij maakte een afdeeling van de Theraeërs en de omwoners, een andere van de Peloponnesiërs en de Creters, een derde van alle eilanders. Vervolgens koos hij voor den koning Battus landen en priesterlijke waardigheden, en al het andere, dat de koningen vroeger hadden, gafhij het volk in handen.

162. Onder dien Battus nu bleef dat zoo bestaan, doch onder zijn zoon Arcesilaüs ontstond een groote woeling over de koninklijke voorrechten. Want Arcesilaüs, de zoon van Battus, den hinkenden, en Pheretime, weigerde te berusten bij wat de Mantineër Demonax had ingesteld; doch eischte de rechten van zijn voorvaders. Daarover verwekte hij een oproer, werd overwonnen en hij vluchtte naar Samus, doch zijn moeder naar Salamis in Cyprus. Over dit Salamis heerschte in dien tijd Euelthon , die in Delphi het zeer bezienswaardige wierookvat wijdde, dat in de schatkamer der Corinthiërs staat. En bij dezen gekomen vroeg Pheretime een leger, dat hen in Cyrene zou terugbrengen. Doch Euelthon gaf haar liever alles dan een leger ; en zij nam. het geschenk aan en zeide dat ook dit schoon was, doch schooner nog het andere haar op haar bede een leger te geven. Dit zeide zij nu bij elk geschenk, en einde- lijk zond Euelthon haar als gift een gouden spinklos en een spinrokken, en ook wol was er bij. En toen Phere-time het zelfde woord uitsprak, zeide Euelthon : met zulke zaken werden de vrouwen begiftigd, doch niet. met een leger.

163. Arcesilaüs echter was in dien tijd op Samus en. verzamelde alle mannen voor een aandeel in het land als loon; en toen hij een groot leger bijeen had gebracht,