meting bleek het werk van de vrouwen het grootste te zijn. Want bij het lydische volk hoereeren de dochters allen om een bruidschat te verzamelen; zij doen dat tot zij trouwen, en huwen zich zelf uit. De omtrek van het grafteeken is zes stadiën en twee plethren, de breedte is dertien plethren[1]; een groot meer raakt aan het grafteeken, en is volgens de Lydiërs altijd stroomend; het heet het gygaeische. Zoo nu is het daarmede.
94. De Lydiërs hebben bijna dezelfde gewoonten als de Hellenen, behalve, dat zij hun dochters laten hoereeren. Het eerst van de menschen, dat wij weten, hebben zij gouden en zilveren munt geslagen en gebruikt, zij waren ook de eerste kramers. De Lydiërs zelf beweren, dat ook de spelen, die nu bij hen en bij de Hellenen in zwang zijn, een vinding van hen waren, en tegelijk dat deze bij hen uitgevonden werden, beweren zij ook een kolonie naar Tyrrhenia gezonden te hebben, daarover op de volgende wijze sprekende. Onder koning Atys, zoon van Manes, kwam groot graangebrek over geheel Lydië, en een tijdlang hielden de Lydiërs het uit, doch daarna, toen het gebrek niet ophield, zochten zij middelen, en de een verzon dit, de ander dat. En toen dan werd het dobbelspel uitgevonden en het bikkelspel en het balspel en de soorten van alle andere spelen, behalve het damspel; want daarvan eigenen de Lydiërs zich de uitvinding niet toe. En na die uitvindingen deden zij aldus tegen den honger: den eenen dag speelden zij zonder ophouden, opdat zij niet naar spijs zouden verlangen, doch den anderen dag hielden zij op met spelen en aten. Op zulk een wijze brachten zij op twee na twintig jaren door. Maar toen de plaag niet wegging, doch steeds erger kwelde, zoo dan ver-
- ↑ Een stadium is ongev. 190 M.; een plethrum ongev. 33 M.