Pagina:Jacob Daalder-Vogelkiekjes (1910).pdf/122

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

114

aantal lijsters zijn, dat in een enkelen dag buitgemaakt wordt, want hongerig en vermoeid komen sommige soorten hier van hare broedplaatsen aan, zoodat ze dan gretig op het lokaas aanvallen. Vangsten van 200 per dag door een enkelen vanger zijn geene zeldzaamheid.

Enkele lijstersoorten broeden ook in onze tuinen en bosschen, doch ook de gelederen van de hier-geborenen worden elk najaar sterk gedund, en dat is wel het meest te bejammeren. Want niet alleen zijn de lijsters door hare montere vormen en aangenamen zang beminnelijke vogels, maar ze zijn ook hoogst nuttig voor boomkweekers en tuinlieden.

't Best van de tien lijstersoorten, die in grooter of kleiner aantal bij ons voorkomen, is zeker wel bekend de Zwarte Lijster of Merel (Turdus merula merula L.), de veel bezongen Gieteling. Met hoeveel bevalligheid wipt zij over de gazons en door de bloemperken van allerlei tuinen! Prachtig glimmend zwart is het vederkleed en oranje-geel de snavel van de oude mannetjes. De wijfjes hebben gewoonlijk een zwarten bek en de jongen zijn te kennen aan het bruinzwarte pakje. Ook zelfs des winters, wanneer de meeste lijsters naar warmer oorden zijn verhuisd, blijven nog talrijke merels bij ons wonen, zij het dan ook hoofdzakelijk mannetjes. Ze komen dan onmiddellijk bij de woningen, en de bessen van hulsten en andere struiken zijn hun welkom. Gaarne ook willen we medehelpen deze ons trouw blijvende voorwerpen door het barre getijde te helpen.

De Merel, die in toenemend aantal ook in onze steden woont en broedt en er haar fluitenden zang, waaruit iets weemoedigs spreekt, vooral in de lente laat hooren,