Pagina:Jacob Daalder-Vogelkiekjes (1910).pdf/65

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

57

heet. Want de kleine slagpennen hebben lakroode bladachtige aanhangsels.

Of de vogel, die een weinig grooter is dan een spreeuw, een mooi pakje draagt? Stellig! De zeer zachte vederen zijn hoofdzakelijk bruin; de zwarte staart heeft grijze boven- en bruine onderdekvederen; ook de slagpennen en de keel zijn zwart. Aan de kleine slagpennen vindt men witte zoomen; die aan de groote slagpennen en aan de staartvederen zijn geel. Ziehier een zwakke kleurbeschrijving van het mooie, gekuifde vogeltje.

De pestvogel, die broedgebied heeft in de arctische gewesten, leert daar stellig de menschen niet als zijne vijanden kennen, want de exemplaren, die hier op den trek voorkomen, toonen zich volstrekt niet schuw. Ook, wanneer men er een zóó uit de natuur in eene kooi plaatst, is de vogel dadelijk goed tevreden, en de aangeboden lijsterbessen neemt hij weldra uit de hand aan. Broeden doet de pestvogel bij ons nimmer. Maar we willen hem telkens, wanneer hij in grooter of kleiner aantal ons land met een bezoek komt vereeren, gastvrij ontvangen, en zijn leelijke naam zal nimmer schrikgevende gevoelens bij ons opwekken.

We willen nog een prachtigen vogel bekijken, en wel een, dien we het geheele jaar, ook als broedvogel, bij ons kunnen vinden, zij het dan ook in gering getal. Laat ons post vatten op deze zeesluis, waar men den IJsvogel (Alcedo ispida L.) dagelijks kan vinden. Zie, daar zit hij op den rand van die boot, roerloos en stom. Neen, mooi van vorm is hij niet. Daarvoor is zijn kop te groot en zijn snavel te zwaar, daarvoor ook is het lichaam te veel ineengedrongen, en de kleine, roode pooten zijn bijna te