Pagina:Jacob Daalder-Vogelkiekjes (1910).pdf/70

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

62

heeft. Gewoonlijk legt ze maar twee eieren. Hoor, retsch, retsch! Ja, dat is het nijdige geluid van de kwaadaardige Dwergzeezwaluw (Sterna minuta L.). Met moedige vliegrukken gaat ze verder, en wanneer men in de nabijheid van haar nestje komt, durft ze wel te laten voelen, hoe scherp haar oranje-gekleurd snaveltje is. Zoo weet ze zelfs schapen en koeien bij haar kroost vandaan te houden.

Deze kleinste der Sterns maakt steeds haar nest in het zand en van bekleeding is geen sprake. Ook op het hooge strand vindt men het dikwijls te midden der schelpen. De eieren, drie per legsel, zijn zoo groot als spreeuweneieren, maar ze zijn geelgroen met donkere vlekjes.

Er komen ook nog grootere zeezwaluwen bij ons voor, maar die willen we later eens bezien.

Voor heden eindigen we met den wensch, dat ieder wil meewerken, om de vogels, die onze met zout bezwangerde kusten zoo mooi maken, te sparen en te doen toenemen.

Dames, tooit u nimmer met de veeren en de kopjes van deze lieve vogels!

 

 

XIX.


Bij de Boschduiven.


,,Roe-koe-roe-roe-koe!" 't Is het kirrend geluid van de Woudduif, dat zoo afwisselend klinkt tusschen de overige voorjaarsstemmen der natuur. De boeren dragen dezen vogels geen al te goed hart toe, omdat ze dikwijls