204
inzien, en wat niet hoog is en schittert en geurt, acht mijn arm land 't aankijken niet waard. Dat wij zelf niets om die minachting zouden geven, begrijpt gij wel, maar de gevolgen daarvan zouden ons niet onverschillig zijn. Wij willen de baan breken voor de vrijheid en zelfstandigheid der Javaansche vrouw! Het voorbeeld, dat wij geven, moet door anderen kunnen worden aangepast. En iets, waar men met minachting op neerziet, zal geen navolging vinden. Willen wij, dat anderen ons voetspoor zullen volgen, dan moet 't voorbeeld dat wij geven, iets zijn, dat spreekt, bewondering afdwingt en tot navolging wekt. Wij hebben hier dus niet op eigen wenschen te letten, maar wel degelijk rekening te houden met 't karakter van 't volk, dat wij willen voorlichten en tot voorbeeld zijn.
Er is in den laatsten tijd in Holland en voornamelijk in Den Haag eene beweging ten leven opgestaan, om de in verval geraakte Indische kunst te doen opleven en bloeien. De Vereeniging "Oost en West", een spruit van de Vrouwenarbeidtentoonstelling, waarvan ge zeker al meer gehoord en gelezen zult hebben, en die er hoofdzakelijk is om de belangen aller Indischen te behartigen, heeft eene afdeeling voor de kunst, waarin eenige kunstenaars van naam zitting hebben.
Die kunstafdeeling is voornemens een kunstenaar of kunstenaren (op 't gebied van beeldende kunst) naar Indië uit te zenden om de Indische kunst in 't