206
nend, een gesloten deur vinden zou. Wij kennen eenige personen, die in 't bestuur zitten van Oost en West en van de kunstafdeeling der vereeniging.
Als onze pogingen schipbreuk lijden, dan wil R. zich bekwamen tot accoucheuse. Zij wil òf schilderes òf accoucheuse worden, maar wat ze doet, wil ze goed doen. Daarom wil ze, als 't lot[Pg 130] haar 't verloskundig vak aanwijst als middel van bestaan en om zich nuttig voor de Gemeenschap te maken, moeite doen om in Europa voor dat vak te worden opgeleid. In Holland zou ze zich tot eene volledige verloskundige kunnen bekwamen, en de moeders hier, als ze hare studiën zal hebben voltooid, van groot nut zijn.
De doktoren kunnen haar hier slechts tot vroedvrouw opleiden, die onder toezicht van een dokter werkt. En 't maakt in de oogen van ons helaas voor groote idealen en verheven denkbeelden weinig vatbare volk, dat alleen glans en glorie eert, groot verschil of ze zich hier of in Europa tot accoucheuse heeft bekwaamd. In Europa gediplomeerd, zou men niet op haar werk neerzien, en zou haar voorbeeld allicht navolging vinden. Van de Regeering willen we gedaan zien te krijgen, om R. op hare kosten in Holland tot verloskundige te doen opleiden. Hiertoe willen we de hulp van Professor Hector Treub in Amsterdam en Dr. Stratz in Den Haag inroepen, mannen die reeds menig keer de lans hebben gebroken voor de allergebrekkigste verloskundige hulp in Indië, waardoor jaarlijks duizenden onnoodig sterven.