Pagina:Keulemans - Vogels van de Kaap-Verdische Eilanden (1866).pdf/3

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

— 365 —


Op St.-Nikolaas wordt hij het meest gezien, en hij is aldaar voor de inwoners een schadelijke vogel, daar hij zich voornamenlijk met jonge kippen en jonge kalkoenen voedt. Hij vliegt dikwijls langs de kusten, boven het water en vangt visschen, door op hen te stooten. Hij is mak, en komt dikwijls zeer nabij de woningen, wanneer hij er gevangen visschen en kuikens ontwaart.


FALCO TINNUNCULUS.

Deze valk is op al de Kaapverdische eilanden zeer algemeen, vooral op de bergen en nabij de steden. Hij voedt zich hoofdzakelijk met muizen, en eet ook groote vlinders en kevers, wanneer hij ze krijgen kan. Hij broeit op rotsen, in Januari en ook later. De inboorlingen geven hem den naam van Zebellinha (Zebellienja) en houden zijn vleesch voor lekker, vooral dat der jongen, die doorgaans zeer vet zijn.


STRIX?

Geloofwaardige inwoners verhaalden eenparig, dat op St.-Nikolaas en de overige eilanden een uil voorkomt, die volgens hunne beschrijving met Strix flammea overeenstemt. Volgens hen, broeit deze uil in November, maakt zijn nest in rotskloven, en het wijfje legt twee tot drie ronde, witte eieren.

Ik maakte eene teekening van Strix flammea, die door de inwoners van al de eilanden dadelijk herkend werd. Aan dezen vogel gaven zij den naam van Crusha (Kroezje).


CORVUS CORONE.

De op St.-Antonio levende kraai komt met onze gewone kraai overeen. Eenige voorwerpen vertoonden intusschen aan den wortel van den snavel eene geelachtige tint: waarschijnlijk zijn deze de jongen.

Deze vogel is er menigvuldig en in het gebergte komen allerlei variëteiten voor, zoodat men gelooven zoude verschillende soorten te zien, zoo zij niet allen verschillend en onregelmatig geteekend waren.

Ik vond er eenigen met witte vlekken aan de vleugelpennen, anderen met half witten staart en witte stippen op den bovenkop, weder anderen die onregelmatig grijs en wit gevlekt waren en wier teekening aan die van den Notenkraker (Nucifraga caryocatactes) deed denken.