Pagina:Korte beschrijving van het dorp loemel en deszelfs omtrek.djvu/25

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is niet proefgelezen

( 21 )

keering buiten 's Lands ontſtaat; zij hebben veel bijzondere taal-gebruiken, waarin wel het Brabandſche en Luikſche eenigzins doorſtraalt, doch ook daarvan verſchilt, onder anderen hebben zij de gewoonte om het woord ik te verdubbelen, en ik ik te zeggen; voor de landmaat hebben zij een bijzondere benaaming, in geene andere Meijerijſche plaatſen gebruiklijk, zij reekenen met zillen, makende een zille het dubbel van 't geen men in de Meijerij een lopens noemt, zijnde een zesde van een morgen; – dit bijzondere heeft mede bij hun plaats, 't geen bij een verzameling van Lommelſche ingezeetenen terſtond in 't oog loopt, dat zij, ten minſten de mannen, bijna allen, immers zeer ver de meesten, van een meer dan gewoone lengte zijn, ook dat de vrouwen meestal zeer witte tanden hebben; – Lommel heeft ook, eenige meer of min vermaarde mannen opgeleverd, als Johannes Huberti, die verſcheide aanzienlijke geestelijke en wereldlijke posten bekleed, over de pauslijke bullen, aan den Aartshertog Carel van Oostenrijk verleend, geſchreven, en verſcheiden beurſen geſticht heeft, zijnde te Antwerpen in 1532 overleden; – Jacobus Vivarius,

een

B3