Pagina:Longinus - Over de verhevenheid.pdf/6

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen


voorlezingen over den Nederduitschen stijl. Dan het ontbrak mij ten dien einde aan eene geschikte Nederduitsche vertaling, daar die van le Clercq, in de eerste helft der vorige eeuw naar de Fransche van Boileau vervaardigd, en dus eene overzezting van eene overzetting zijnde, mij uit dien hoofde reeds (om thans van andere redenen te zwijgen) van geen’ dienst scheen te kunnen zijn. Ik sloeg dus zelf handen aan het werk, en beproefde mijne krachten aan de eigene vertaling van het oorspronkelijke, volgens de laatste uitgave van Toup. Dan, daar het schriftelijk mededeelen dezer vertaling veel tijds wegnam, die ik begreep dat nuttiger aan de uitbreiding mijner aanmerkingen over den inhoud van het werkje kon besteed worden, heb ik, in het laatste Academisch jaar, na een’ toevalligen tusschenstand van eenige jaren, op nieuw Longinus met mijne toehoorders zullende verhandelen, dezelve doen drukken, en dien druk, bij den voortgang mijner lessen, langzamerhand voltooid. Ziet daar den oorsprong van, en de aanleiding tot de vertaling, welke ik thans mijnen landgenooten aanbiede , kortelijk opgegeven. Dezelve is, wel is waar, in de eerste plaats ten nutte mijner leerlingen ingerigt; dan ik vertrouw, dat zij ook aan mijne verdere letterminnende landgenooten geen onaangenaam geschenk zal wezen. Immers,