Naar inhoud springen

Pagina:MU W J IV 4 - deel 1 en 2 - Natuurlijke historie van den St. Pieters berg bij Maastricht.pdf/130

Uit Wikisource
Deze pagina is niet proefgelezen

92 NATUURLIJKE HISTORIE VAN ten tijde van eene overftroomende omwente ling, diep in het zand begraaven hebben. Naar- dien egter een deezer kaak beenderen volmaakt wel bewaard is gebleven en deszelfs gedaante het zeer wel kenbaar maakt, is het mogelijk, gelijk wij in het vervolg. zullen doen zien, naauwkeurige gevolgen te trekken omtrent de grootte van dien kop en die van het dier; maar wij zullen deeze beredeneering befpaaren tot die afdeeling, waarin wij onderzoeken zullen of die kop een onbekend zoogend water-dier hebbe toebehoord, of aan eenen krokodil van eene nieuwe foort, die van den krokodil van den Nijl en van dien van den Ganges verfchilt. Daar liggen ook enige wervelbeenderen, ver. wardlijk met andere flukken van been in het. zelfde fteen-blok en op de kaak - beenderen van het dier van Maastricht verfpreid; men ziet 'er ook twee echiniten, die 'er aan vast zijn, de cene van boven, de andere van onderen te zien. Daar zal van die foort van zee - appelen gewag gemaakt worden in de befchrijving van de ge- graaven en verfteende hoorns en fchulpen, die men in den Sint Pieters Berg vindt. KAAK-