ADEN SINT PIETERSBERG. 211 len in, die niet toelaten, dezelve onder de ene of andere bekende foort te brengen. . Fig. 9. Men zou in den eerften opflag dit voor- werp voor ene bijzondere foort van papieren Nau- tilus aanzien; doch, wanneer men het met aan- dacht waarneemt, en het met verfcheiden ande re, naar dit gelijkende, en op dezelfde plaats gevonden, voorwerpen vergelijkt; kan men zich niet onthouden van hetzelve voor denzelfden Ne- riet aantezien, dien wij boven op Plaat XX. fig. 3 afgebeeld hebben. Men moet flechts opmerken dat deze fchijnbare gelijkenis naar enen Nautilus alleen veroorzaakt is door de drukking, en omdat men het voorwerp aan de zijde van den draai ziet, Fig. 10. Een Ostraciet, bijna op de helft der natuurlijke grootte, zeer dik van fchulp. De bovenfte klep is aan de onderfte vast, doch zo gelukkig, dat men zeer onderfcheidenlijk de draaien, de dikte, en het binnenst gedeelte van de onderfte klep ziet. Men vindt in de ſchulpen- bank van Montmartre bij Parijs zeer vele Os- tracieten van dezelfde foort. montonsgrooy this is bad a 9 51 Co W P 5 TRE
Pagina:MU W J IV 4 - deel 1 en 2 - Natuurlijke historie van den St. Pieters berg bij Maastricht.pdf/295
Uiterlijk