veel op, maar in elk geval was het toch een kleine verdienste en bezorgde het ons werk.
Op een avond kwam Lize's vader tehuis, treuriger gestemd en meer terneergeslagen dan ooit.
— Kinderen, sprak hij, het is met ons gedaan. Ik wilde mij verwijderen, want ik begreep, dat er iets gewichtigs zou gebeuren, daar hij uitsluitend tot zijn kinderen sprak en ik meende, dat ik onbescheiden handelde, indien ik daarbij bleef.
Maar hij wenkte mij te blijven.
— Behoort gij ook niet tot mijn gezin? vroeg hij; hoewel gij nog niet oud genoeg zijt om hetgeen ik u ga mededeelen te begrijpen, zijt gij reeds meermalen door het ongeluk beproefd geworden om mijn bedoelingen te vatten. Kinderen, ik ga u verlaten.
Deze woorden werden door een uitroep en een kreet van smart beantwoord.
Lize wierp zich snikkend in zijn armen.
— O, gij begrijpt, dat ik niet vrijwillig besluit om zulke goede kinderen als gij zijt te verlaten en mijn lieve kleine Lize niet meer te zien.
Hij drukte Lize met kracht tegen de borst.
— Maar men heeft mij tot betalen veroordeeld, en daar ik geen geld heb, gaat men hier alles verkoopen en waarschijnlijk zal dit zelfs niet toereikend zijn en zal ik naar de gevangenis moeten gaan, waarin ik dan vijf jaren blijven moet; daar ik het niet met mijn geld doen kan, zal ik mijn schuld met mijn lichaam, met mijn vrijheid moeten aflossen.
Wij begonnen allen te weenen.
— Ja, dat is heel treurig, maar er valt tegen de wet niets te doen en het is de wet; vroeger was deze nog strenger, zeide mij een advocaat; wanneer toen een schuldenaar zijn schuldeischers niet betalen kon, dan hadden dezen het recht zijn lichaam in stukken te snijden en het tusschen elkander in zooveel deelen te verdeelen, als zij maar wilden; mij zet men eenvoudig in de gevangenis, binnen weinige dagen zal dat waarschijnlijk gebeuren. Wat zou er in die vijf jaren van u worden? Dat is juist het ergste.
Hij zweeg toen; ik weet niet welke gedachten deze stilte bij de anderen teweegbracht, maar voor mij was zij een van de vreeselijkste uit mijn leven.
— Gij kunt wel nagaan, dat ik hierover veel nagedacht heb en ik zal u mijn besluit mededeelen, waardoor gij dan niet, nadat ik u verlaten heb, alleen zult behoeven achter te blijven.
Ik kreeg weder eenige hoop.
— Rémi zal aan mijn zuster Katharina Suriot schrijven; zij is