Naar inhoud springen

Pagina:Malot, Alleen op de wereld (vert. Keller 1880).pdf/384

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

XVI.
DE MOOIE LUIERS WAREN BEDROG.


Wat ik ook gedaan had om goede vrienden met mijn broeders Ned en Allen te worden, zij hadden mij altijd nijdig van zich gestooten, en alles wat ik voor hen had willen doen, hadden zij geweigerd: blijkbaar was ik in hun oog geen broer van hen.

Na het gebeurde met Capi, werd onze verhouding zuiverder aangegeven. Wel niet met woorden, want ik kon mij niet gemakkelijk in het engelsch uitdrukken, maar door eenige duidelijke gebaren, waarbij mijne vuisten eene voorname rol speelden, gaf ik hun te kennen, dat, zoo zij het minste tegen Capi ondernamen ze met mij te doen zouden hebben om hem te verdedigen of te, wreken.

Nu ik geen broers had, wilde ik toch zusters hebben; maar Annie, de oudste, betoonde mij al niet meer genegenheid dan hare broeders; evenals zij, beantwoordde zij elke poging tot toenadering met stuurschheid en geen dag ging er voorbij, zonder dat zij mij eenige streek speelde, waarin zij — dit moet ik erkennen — zeer ver was.

Door Allen en Ned afgestooten en afgestooten ook door Annie, bleef mij niets dan de kleine Kate, die pas drie jaar oud was en dus te jong om met haar broers en zusters samen te spannen. Zij liet zich dan ook door mij liefkoozen, eerst omdat ik Capi kunstjes voor haar liet doen en later, toen ik Capi weder terugkreeg, omdat ik haar koekjes, sinaasappelen en andere lekkernijen gaf, die ik kreeg van de kinderen, als ze met een heel voornaam gezichtje riepen: „voor den hond". Sinaasappelen aan een hond te geven was niet heel verstandig, maar ik nam ze dankbaar aan, want op die wijze kon ik de liefde winnen van Kate.

Dus was er van het geheele gezin, waarvoor ik zooveel liefde gevoelde toen ik in Engeland aan wal stapte, slechts een enkel lid, de kleine Kate, die ik mocht liefhebben. Mijn grootvader ging nog maar altijd voort met te spuwen naar mijn kant, als ik dicht bij hem kwam; mijn vader bemoeide zich niet met me, behalve des avonds om het geld te ontvangen dat wij hadden verdiend; mijn moeder was in den regel buiten westen.

Allen. Ned en Annie hadden een hekel aan mij; Kate alleen liet zich aanhalen, en nog maar alleen, omdat ik mijn zakken vol lekkers had.

Welk eene teleurstelling!

In mijne droefheid zeide ik dan ook bij mij zelven, niettegenstaande ik de onderstelling van Mattia in het eerst had afgewezen,