Naar inhoud springen

Pagina:Malot, Alleen op de wereld (vert. Keller 1880).pdf/91

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

moeidheid. Als ik nu ook eens een vroolijk deuntje speelde, zouden wij misschien ook onzen honger vergeten. In ieder geval, als ik muziek maakte en de honden liet dansen met Joli-Coeur, zou de tijd spoediger voorbijgaan.

Ik nam mijn harp, die tegen een boom stond en met mijn rug naar het kanaal gekeerd, begon ik, na mijn personeel in orde te hebben gebracht, een dans en daarna een wals te spelen.

Eerst schenen mijne acteurs niet zeer geneigd om te dansen. Het was duidelijk, dat een stuk brood meer in hun smaak zou zijn gevallen, maar langzamerhand kwam er meer leven bij hen de muziek had hare gewone uitwerking: wij vergaten het stuk brood, dat wij niet hadden en ik dacht aan niets anders meer dan aan de muziek en zij aan het dansen.

Eensklaps hoorde ik achter mij eene heldere kinderstem, die „bravo!" riep. Ik keerde mij ijlings om.

Een scheepje voer door het kanaal, met den steven gericht naar den oever waar ik stond; de twee paarden, die het voorttrokken, liepen op den anderen oever. Het was een vreemdsoortig schip, zooals ik er nog nooit een gezien had. Het was veel korter dan de pramen, welke gewoonlijk gebezigd worden voor de vaart op het kanaal en op het dek, dat slechts even boven het water uitstak, was een soort van glazenhuis gebouwd. Op de voorplecht was eene veranda aangebracht, die met slingerplanten was bedekt, waarvan de stengels, die hier en daar zich aan het glazendak hadden gehecht, als beken van groen nedervielen. Onder die veranda zag ik twee personen: eene nog jeugdige dame met een edel, eenigszins droevig voorkomen en een knaap van mijn leeftijd ongeveer en die mij toescheen te liggen, terwijl de dame stond.

Zeker was het die knaap geweest, die bravo had geroepen.

Spoedig was ik van mijne verrassing bekomen, want er was niets in die verschijning, dat mij bang maakte; ik nam mijn hoed af om te bedanken voor de toejuiching.

— Speelt ge voor uw pleizier? vroeg de dame mij in een vreemden tongval.

— Ik deed het om mijn troepje te oefenen en ook.., om mij eenige afleiding te bezorgen.

De knaap wenkte de dame, die zich over hem heen boog.

— Wilt ge nog wat spelen? vroeg de dame, het hoofd opheffende.

Of ik nog wat wilde spelen! Spelen voor een publiek dat mij zoo juist van pas kwam. Ik liet me niet bidden.

— Wil u een dans of eene komedie? vroeg ik.

— O, een komedie! riep de knaap.

Maar de dame zeide, dat zij liever een dans wilde zien.

— Een dans duurt zoo kort, zeide de knaap.