Naar inhoud springen

Pagina:Multatuli - Over Vrijen Arbeid in Nederlandsch Indie (1873).djvu/60

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
48
Vrye arbeid.


houden te malen, te vlechten, te persen en te gisten? Of wanneer-i, al te lang geperst, aan ’t gisten was gegaan, hyzelf?

Dan zou geen enkele jufvrouw meer presenten krygen van haar neef uit de Oost, en al uw consignatie-wysheid viel reddeloos te-water.

Consignatie! Altyd zulke fraaie, naar studie en wetenschap riekende woorden! Zegt eenvoudig aan ’t Volk: vrienden, wy beraadslagen of de winkel onzer kruiënierswaren hier of ginder zal gehouden worden, en wat het meeste geeft?

Maar zegt er by, als ge oprecht wilt zyn, dat uw leverancier aandringt op betaling, en dat hy ’t zeer verdrietig vindt op-den-duur uw winkel gesorteerd te houden, zonder ’t minste voordeel voor zichzelf. Zegt dat het den Javaan geheel onverschillig is, of gy de gestolen produkten daar of hier verschachert, en dat ge voortaan uw wysheid liever wilt besteden aan ’t bestudeeren der vraag: of ge altyd suiker en koffi hebben zult, dan aan de weldra overbodige kwestie waar ge die zult ter markt brengen.

De Javaan wordt mishandeld: dìt is de kwestie!

Maar daarvan zwygt gy, dagbladen.

Neen, ik vergis me. Toen myn protest tegen die mishandeling verscheen, hebben dagbladen en tydschriften daarover veel gesproken. Zóóveel zelfs, dat nooit eenig werk in Nederland zoo algemeen is behandeld geworden. Maar... dit duurde slechts zoolang men in de valsche meening verkeerde, dat ik behoorde tot ’n party. Ik had een der hoofden kunnen worden — of ’t hoofd — van de zoogenaamde oppositie, wanneer ik had kunnen