den Gouverneur-Generaal, gelooft het Volk inderdaad dat de kwestie dáár ligt, en let er niet op dat ge — met misdadige verkrachting van de waarheid — de hoofdzaak verzwygt, de eenige ware hoofdzaak:
De Javaan wordt mishandeld.
Dagbladschrijvers, ge spreekt zooveel over dat Art. 56. Ik mag dus vaststellen dat ge ’t Reglement wel eens inziet, niet waar? Hebt ge daarin nooit gelezen, dat diezelfde Gouverneur-Generaal verplicht is zorg te dragen dat de Bevolking niet mishandeld wordt? Is u dàt voorschrift te natuurlyk, te eenvoudig, te menschelyk? Kunt ge daaraan geen systeem vastknoopen? Kunt ge daarvan geen partyzaak maken? Is dìt de reden dat ge liever dien tekst overslaat, zoo-als de Hollandsche huisvader het artikel over ’t verzetten van den grenssteen?
Wat talent dan, que diable! Ik verzeker u dat ge met eenige inspanning al zeer spoedig lange stukken zoudt kunnen aaneenlymen over zoo-iets. Dat ge nu door ’t gedurig besteden uwer gaven aan byzaken, een frazeologie hebt opgedaan, die op zulke byzaken past, mag u geen reden zyn om ook niet eens uw bekwaamheden te beproeven aan de hoofdzaak. Doet het eens. Ge zult ontwaren dat men lankdradig wezen kan, onbegrypelyk en geleerd zelfs, by de behandeling van iets ernstigs. Ja, ik wanhoop niet aan ’t slagen uwer pogingen om zelfs, na wat sukkelens, ’n stelsel byeen te knoeien over de rechte manier der mishandeling van den Javaan. Een stelsel, een systeem, hoort ge! Een systeem met staathuishoudkunde daarin, daarop, daarover, daardoor! Een systeem met woorden op „tie” „atie” „itie” en „otie.” Een systeem met bazis en top, met syllogismen, theoriën, utopiën, rhetorische figuren, moreele of immoreele convictiën en fictien! Een systeem, ’n or-