Naar inhoud springen

Pagina:Multatuli - Over Vrijen Arbeid in Nederlandsch Indie (1873).djvu/71

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
59
Vrye arbeid.

redakteuren dezer krant. De party die zich bezig-houdt met de ondermyning van Kerk, Staat, Koffiveilingen en Uitlegkunde, blyft beweren of liever, blyft voortgaan zich te houden als-of ze beweerde — want in-trouwe...

Goed!

... in trouwe, met het meeste vertrouwen op de goede trouw durven wy ons ter-nauwernood toevertrouwen eenig wantrouwen...

Zeer goed!

... eenig wantrouwen...

Mooi, maar ik zie geen kans ’n behoorlyk eind te maken aan die fraze.

»Dus, myne heeren, ziet hier ons stelsel. De wet schryft duidelyk voor, dat de Javaan moet beschermd worden tegen de hebzucht zyner hoofden. In-tegenstelling van de stelsels der ongestelde stellingen, die de tegenovergestelde party stelselmatig voorop stelt, veronderstellen wy niet te veel te stellen door met de meeste stelligheid vasttestellen, dat ons stelsel juist gesteld is...

Ziet ge, heeren dagbladschryvers, dat er wel wat van te maken is. Komaan... wat talent, voor den drommel!

»Ziet hier dan ons stelsel, myne heeren. De Javaansche Hoofden lyden aan hebzucht, dat is: aan zucht om te hebben. Het woord en de ziekte bestaan uit twee deelen: uit hebben en uit zucht. Geen zucht zonder hebben. Geen hebben zonder zucht. Dit is ons stelsel, myne heeren.

Hoe moet nu de Javaan beschermd worden tegen deze ziekte? Na ’t vooropgestelde gedeelte van ons stelsel is de conclusie aller-eenvoudigst. Men zorge slechts dat de Javaan nooit iets hebbe, dan is ’t onmogelyk dat-i kan worden aangetast door ’n ziekte die, zoo-als wy ten-klaarste hebben aangetoond, voor de grootste helft uit heb-