Naar inhoud springen

Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 003.djvu/2

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

2

 

Tydinghe vanden Rijnstroom in Decembris, 1620.

DEr Ghevnieerde Princen Krijchsvolck is nv al in Garnisoen gheleyt, ende den Marckgrave van Ansbach leyt binnen Worms, Graef Hendrick van Nassou is met zijn volck vertrocken, de Boeren hebben sommighe van zijne Ruyters doot gheslaghen, ende berooft, ouermits sy de Boeren soo qualijcken ghetracteert hebben, ende naer dien die voorseyde Ruyters tot kleyn Rettelsheym, alles op gheteert hadden, zijn de Bornputten aldaer vergift bevonden waer van alreets ettelijcke persoonen gestorven ende veele kranck zijn.
Sijne Excellentie den Marquis Spinola bevint hem tot Cruytsenach ende heeft de meeste Infanterie by hem, Graef Heyndrick van den Berch met de Ruyterije leyt tot Simmeren ende op den Hontsrugghe, ende Altsey is met 2000. mannen beset, anders en isser niet ghepasseert, dan dat den Marquis al de Dorpen ontrent Worms beschreuen heeft op dat sy hun souden comen instellen, ende de Krijchscosten gelijckerhant helpen betalen, oft anderssints sal hy hunlieden met macht bedwinghen.