Naar inhoud springen

Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 013.djvu/7

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

7

tot inden grondt zijn af ghebrant ende eenige huysen der ghebueren hebben daer door oock schade geleden ende daer in zijn verbrant eenen Man, twee Vrouwen twee Kinderen, ende eenen Jode.
Over 2. daghen zijn hier wederomme Patenten onder den Seghel vanden Vorst van Liechtensteyn gheaffixeert ende ghepubliceert, by de welcke al t’gene datmen gheduerende de Regeringhe van Fredericus heeft ghetracteert, ghehandelt, ghesloten, ende inde Processen heeft wt ghesproken sal wesen gecasseert, ende voor geheel nul ende van onweerden verclaert.
Gisteren heeftmen die Borghers opt Stadthuys ontboden, ende aldaer onder andere, in sonderheydt aen de Backers, Brouwers, ende Vleesch-houwers voorghehouden ende bevolen, datse souden op houden van tot nv toe door hennen ghemaeckten opslach ende dierte, ende dat een yeghelijck zijne Waeren inde redelijckheyt ende tot eenen behoorlijcken prijse soude vercoopen, ende dat zy selve gheen oorsaecke en souden geuen tot andere toevoeringhe tot verminderinghe hender priuilegien, ende datse hen selven voor schade souden wachten.
Heer Wentzel Kinski heeft dese daghen Patenten becomen, hy voert des Oversten van Meggaus 1000 peerden, ende licht noch een Regiment voetknechten

op,