Naar inhoud springen

Pagina:Nieuwe Tijdinghen 1621 no 015.djvu/8

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

8

canderen zijn, ende trachten om met den Keyser in eenigh accoort te comen.

wt het Lant van den Elsasz.

Hier compt auiso als dat den Eerts-hertoch Leopoldus hem seer versterckdt met ettelijcke duysent Crijschcolck te voet ende te peerde, soo wel wt Loreynen als andere Quartieren, waer toe dat mocht ghebruyckt worden en weetmen niet.
Die weghen rontomme Straesborch zijn seer onveyl, want op de weghen veel Cooplieden goederen worden ghenomen, ende veel lieden bedroven van het Krijschvolck.
Die van Straesborch zijn in beraet onder malcanderen oft sy willen Ruyterije aen nemen tot deffensie van de Stadt oft niet, sommighe van binnen zijn van sinne iae, de sommighe Heeren en vindens niet gheraden, soo staet het noch stille, want het Crijschvolc van Leopoldus swermpt ende loopt al ontrent de stadt.

J.Z.V.H.

FINIS.