Naar inhoud springen

Pagina:Ordinaris Dingsdaeghse Courante 1645 no 045.pdf/1

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

Ordinaris Dingſdaegſche Courante, 1645. No. 45.

Uyt Napels den 26 September 1645.

DEn Prins van Montesarchio van ’t huys d’Avolos is op ’t Casteel alhier gevangen gestelt, om dat hy sijn commissie niet wel ghevolgt hadde, over ’t extermineren der Banditen uyttet Koninckrijk, wiert ook beschuldight d’voorsz. Banditen secretelik geassisteert te hebben.

Uyt Romen den 2 October.

’t Subit vertreck van den Cardinael Antonio heeft hier groot nadenken gemaeckt, en vertrok in de nacht den 30 passato; sonder sijn afscheydt van yemant te nemen, alleen latende eenigh geschrift voor den Sieur Cherubim des Paus Secretaris, daer in klaghende dat hy verscheyden malen audientie versocht hadde, en hem altoos gheweighert was, ’t welck hem veroorsaeckte te vertrecken; heeft sijn reyse op Genua genomen.

Uyt Venetien den 7 dito.

Van verscheyden plaetsen wordt de victorie by onse scheeps-armade over de Turkse Vloote gekreghen gheconfirmeert, quamen in ’t kleene Eylant van S. Theodoor aen den anderen, zijnde ses mylen van de Haven van Canea, alwaer de Christenen hun so wel queten datse 30 Galeyen veroverden, en elf in de grondt boorden; alles met verlies van 10 Galeyen, als 3 Maltesers, 4 Venetiaense, een van den Paus, de Capitane van Livorno en de Patroon van Napels, rakende meest verbrandt en in de grondt, met verlies van veel volks aen beyde zyden; doch verwachten noch meerder particulariteyt. Ondertusschen verdubbelt sich dese Republique in de preparatie ter oorloghe, tegens desen stercken Vyandt, te meer den Grooten Heer verklaert heeft revengie hier op te soecken, en heeft tot dien eynde een nieuwe Armee gecommandeert om in Dalmatien in te vallen: derwaerts onse nieuwe troupen ook gaen sullen.

Uyttet Leger van Termes den 9 dito.

Wt Balaguier is een Tambour gekomen, welke uyt de name van Dom Simon de Mascarenhas, versocht heeft te parlementeren, en sullen op morgen hooren wat conditie sy versoecken, so dat de Stadt sich sal moeten accomoderen.

Uyt Weenen den 18 dito.

Nieuws voor dit mael anders niet, als dat het Stolische en Bucheimsche Regiment, als nu nae Hongaren sijn gemarcheert, ende sullen so men seyt, op Presburgh over de Donouw gaen, om sich mette Walloenen te conjungeren, ende als dan Brin met munitie en ander proviant versien.
Torstenson heeft tot noch toe niet geattenteert staet noch om Iglouw, en so men alhier spargeert soo hebben de Boheemsche Boeren het Bosch alsoo verhouwen, dat sich Koninksmark met Torstenson niet conjungeren kan.

Uyt Gravenstein den 19 dito.

Wy sijn nu drie weecken langh van den Grave Mininy, die Overste Luyten. is van Don Felicx ende Commandeur over de Leutmarische Creyts, alsmede over het gheworven Landt-volk met 400 man te voet en 250 peerden, geblocqueert geweest, maer den Oversten Mylander uyt Hirschbergh, heeft op den 5 deses 60 peerden na herwaerts ghesonden, dewelke over al alarm hebben gemaekt, soo dat den Oversten Rijghwalt met 4 Regimenten weder te rugghe is gekomen, waer over sich den vyant te samen gevoeght heeft, ende naer Gabel, twee mijlen van hier gemarcheert is, als nu d’ onse kennisse daer van kreghen, sijn de voorsz. 60 peerden, mitsgaders de geene die alhier geweest sijn, den 6 deses uytghegaen om een versoek te doen; maer den vyandt in vollen march zijnde, heeft niet daer uyt vallen konnen, doch is de voorschreve troup ’s anderdaegs des vyants march naegevolght, en den voornoemden Grave Mininy, met hondert vijftigh peerden een mijl weeghs van hier in een Boscagie aengetroffen, alwaer in ’t begin tamelik sterk is gechargeert, ende verscheyden van den vyant gebleven zijn, entlijk d’onse de victorie gehadt, ende den Grave nevens 42 gemeene soldaten, waer onder een Luytenant, 2 Vaendrigs, en een Trompetter, alhier ghevankelyk ingebracht hebben; aen onse sijde zijn maer 2 man gebleven.

Uyt Comine den 23 dito.

Den Maerschalc Gassion heeft over eenighe daghen sijn Legher in twee partyen verdeelt, en blijft met ’t eene corpus tot Meenen, alwaer hy sterk aen de Fortificatien laet arbeyden. Den Sieur van Villiquier en den Comte van Quince zijn alhier gekomen, en laten de Stadt mede fortificeren, princepalijk aen ’t Casteel, alwaer sy een fraey Conterscharp gemaekt hebben; so dat de Fransen Meester van de Ley zijn, door hare sterke besettinge diese aen de selve Riviere hebben.

Uyt Arras den 24 dito.

Na dat den Grave van Douglas, Marschalck en Colonel van een Regiment Schotten den 21 deser met 40 Ruyters op condschap van Evin reedt, om den Vyandt t’ontdecken, komende een quartier mijls by Douay, zijnde verselschapt met den Capiteyn Cobron, en hadt de Ruyterye laten voor uyt ryden, wierdt dito Grave geschoten van een party van 30 Vier-roers, die in Embuscade laghen; desen Grave wordt in ’t Hoff von Parijs seer beklaeght, om de groote dienste die hy aen de Kroon bewesen heeft, hebbende verscheyden quetsuren van sijn Vyant ontfangen; was van grooten huyse in Schotlant, en had d’eerste stemme in ’t Parlement na den Koning.

Uyt Londen den 27 dito.

De stadt Carmarthen, zijnde de hooft-stadt van Carmarthenshier in Walles, is by de Parlementarise ingenomen.
De Parlementarissen hebben Chepston mettet Casteel ook in genomen. De Heeren van ’t Parlement souden ook besigh zijn om eenighe articulen tot vrede in te stellen, en den Koning over te leveren.
Prins Maurits heeft Carmon Froom belegert. Prins Charles en Greenvill zijn in Cornwall, en nemen daer een party volks aen om na Exceter te marcheeren.
Tot Wallingford hebben de Koningse 3 wagens met Lakens die na Londen souden ghebracht worden, vermeestert.
De Parlementarissen hebben de stadt Chester bestormt, maer wierden met verlies van 40 a 50 man, (en ontrent 80 gequetsten) afgeslagen.
Sir Colonel Williams is met ontrent 1200 man van den Koning nae ’t Parlement overgeloopen.
Den Luytenant Generael Cromwel en Colonel Dalbier hebben Basinghouse stormenderhandt ingenomen; den Gouverneur Sir Robert Peake wiert gevangen, en bleven ontrent 140 man doodt; is een vande fraeiste en sterkste huysen in Enghelant, en is by ’t Parlement gheordineert dattet sal gedemoleert werden. Colonel Rositer vervolgt den Koning, en heeft 100 Koningse Ruyters gevangen gekregen, die van Welbek na Bridgenorth wilden.
Gorings troupen te voet marcheren na ’t guarnisoen, en sijn Ruyterye light niet verre van Exceter, men houdt hy doorsoekt te breken na den Koning. Het Parlement is besigh om een Declaratie in te stellen tot satisfactie der Schotten, doch wiert d’inhout daer van secreet gehouden. Sir Thomas Fairfax is tot Chard, en avanceert van daer na