Naar inhoud springen

Pagina:RomeinscheGeschiedenissen1.pdf/83

Uit Wikisource
Deze pagina is niet proefgelezen

I BOEK I hoofdstuk Inwijding van den grond De dag, tot die plegtigheid gekozen, was reeds van zelf een feestdag, toegewijd aan PALES, de Godinne der herderen.[1] Onderwezen door de ontbodene Eetruriers, offerde ROMULUS slachtoffers aan de Goden, en beval het zelfde aan zijn Volk. Daar na verkoos hij arenden tot zijne veldteekens, en liet al het Volk, om zich behoorlijk te zuiveren door de vlammen gaan van kleene vuuren, voor hunne tenten aangeſtoken. Zich op deze bijgeloovige wijze, als tot een heilig werk, genoegzaam voorbereid hebbende, riep hij allen op den gekozen Palatynschen berg te zamen. Nu groef men eene graft rondom de plaats, waar naderhand de volksvergaderingen zouden gehouden worden, en in dezelve wierp elk de eerstelingen van zijne leevensbehoeften en eene

    gronden ons redelijker voorkwamen, dan die, war op PLUTARCHUS bouwde, zonder nogchands eene zaak, voot zoo veele eeuwen bij de naauwkeurigste gefchiedschrijvers in geschil, door ons aangenomen gevoelen te willen of te kunnen beslissen. zie PLUT. in ROM, p. 24.

  1. PLUT. in ROM, p. 24.