Naar inhoud springen

Pagina:Rotterdamsche Courant 1828 no 082.pdf/2

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

der commissie, om het inkomen der ministers van 150 duizend op 120 duizend franken ’s jaars te verminderen, aangenomen; maar eene nog grootere bezuiniging, waarbij elk hunner niet meer dan 100 duizend franken inkomen ’s jaars zou genieten, is met bijna eenparige stemmen verworpen. Het bestaan en de attributen van den staatsraad hebben in de zittingen van eergisteren en gisteren aanleiding gegeven tot zeer warme debatten, daar de heer Gaetan de la Rochefoucauld eene menigte misbruiken uitmat, waaraan dat staatsligchaam zich volgens hem had schuldig gemaakt, en met veel drift tegengesproken werd door den bekenden natuurkundige Cuvier, die lid van den staatsraad is. Deze moest zich in het oplossen van sommige beschuldigingen behelpen met de verzekering, dat de leden van den staatsraad althans niet tegen beter weten aan van ’s lands wetten waren afgeweken, welke verzekering zeker vrij schraal zal voorkomen aan elk, die bedenkt, dat men bij staatsraden eene naauwkeurige kennis der wetten mag veronderstellen, ja eischen. Deze discussie heeft ook aanleiding gegeven, dat er over de conflicten gesproken werd, welker opwerping, volgens den advokaat Dupin, sommige zijner clienten tot een volkomen staat van wanhoop gebragt hebben. Men heeft ten laatsten op de onkosten van den staatsraad 119 duizend franken geschrapt en, na nog andere punten van den dienst voor het regtswezen goedgekeurd te hebben, de vergadering tot heden geadjourneerd.
— De heer Drovetti is uit Cairo te Alexandrie teruggekomen. Hij had den onderkoning van Egijpte in eerstgenoemde stad gelaten. De blokkade van Alexandrie moet dienen om alle turksche schepen het uitloopen te beletten en te verhinderen, dat Morea van leeftogt en krijgsbehoeften voorzien worde. Voor het overige zal de handel met Europa geheel vrij en onbelemmerd blijven. Sommige dagbladen noemen zulks eene militaire blokkade. Zij zal door den engelschen admiraal aangekondigd worden en den 21 mei verwachtte men sir Edward Codrington elk oogenblik voor Alexandrie; maar voor het overige schijnt het, dat de uitvoering vooral aan fransche schepen zal verblijven.
— De forten van het Seu van Urgel zijn den 17 junij aan een kolonel in spaanschen dienst overgegeven. Deze heeft er, uit naam van den koning van Spanje, met twee keurcompagnien van zijn regiment bezit van genomen. Bij die overgave heeft de beste verstandhouding plaats gehad, en alles is besloten door een prachtigen maaltijd, welken de officieren van 41ste regiment Franschen aan de Spanjaarden gegeven hebben. Des anderen daags heeft het fransche garnizoen zijnen marsch naar St. Louis aangenomen en eenige spaansche officieren hebben het tot aan de grenzen uitgeleide gedaan.
Men zegt, dat er nieuwe benden onvergenoegden in Katalonie gezien zijn, en dat zij zeer wel gekleed en gewapend zijn en geregeld hunne soldij ontvangen. In de bergen van Birga houden zich ook anderen op, maar dezen plegen daarbij diefstal en straatroof. De apostolische junta heeft eenige vaste bezoldigden in onderscheiden gemeenten: te Campredon onder anderen telt zij er tot 250 toe; dezen moeten dienen om de hier en daar verspreide overblijfselen der uit een gedreven benden te verzamelen. De generaal Monet is met 300 man uit Barcelona vertrokken, om die nieuwe agraviados te gaan bevechten.
— Den 3 dezer waren de 5 per cents geconsolideerden 105 francs 65 centimes a contant en 105 fr. 90 centimes tegen ultimo; de 3 per cents 72 francs 85 cent. a contant en 72 francs 80 centimes tegen ultimo; de actien van de Bank 1835 francs, en Napels 76 francs 85 centimes.

’s GRAVENHAGE den 6 julij.

Bij onderscheiden besluiten zijn door Zijne Majesteit benoemd:
Tot commandant van de militaire acadamie, de luitenant-kolonel P. B. Kock, van het 2de bataillon artillerie nationale militie.
Tot kwartiermeester bij voormelde academie, de 1ste luitenant-kwartiermeester G. Falck, van het 4de bataillon artillerie nationale militie.
Zijnde voorts in hunne respective rangen bij opgedacht etablissement gedetacheerd, de kapitein L. F. F. B. van Boecop, van de 16de afdeeling infanterie, en de ritmeester der 1ste klasse N. S. Rambonnet, van de afdeeling kurassiers n.o 3.
Tot buitengewoon hoogleeraar bij de geneeskundige faculteit aan de hooge school te Leuven, de heer J. A. le Roy, thans lector in de geneeskunde aldaar.
Tot gewoon hoogleeraar bij de faculteit der wis- en natuurkundige wetenschappen te Utrecht, de heer Th. van Lidth de Jeude, thans buitengewoon hoogleeraar bij die zelfde faculteit.
Tot secretaris der nederlandsche bank, in plaats van jonkh. W. Röell, reeds te voren tot mede-directeur benoemd, de heer H. Croockewit, lid van de kamer van koophandel en fabrijken te Amsterdam.
Door Zijne Excell. den minister van binnenlandsche zsken is benoemd tot leeraar der hoogere wiskunde te Gent, de heer B. Mareska.

⁂ Alzoo de Post van STADS-VROEDVROUW binnen Delfshaven door overlijden is komen te vaceren, waaraan is verbonden een Tractement van ƒ 120 ’sjaars, zoo worden degenen, welke tot de vervulling daarvan genegen mogten zijn, uitgenoodigd, om, met overlegging der benoodigde bewijzen van admissie, bekwaamheid en goed gedrag, zich te vervoegen, vóór of op den 20 Julij aanstaande, ter Secretarie van Delfshaven voornoemd.


Al die iets te vorderen hebben van of verschuldigd zijn aan de Nalatenschap van wijlen den Wel Edel Gestrengen Heer JOHAN HENDRIK TORLEY, in leven Eerste Luitenant hij het corps Mariniers, in den jare 1826 te Samarang overleden, gelieven daarvan opgave te doen, vóór of uiterlijk op den 15 Julij 1828, ten Kantore van den Notaris CORNELIS DIJXHOORN, te Rotterdam.


Degenen, welken iets te vorderen hebben of verschuldigd zijn aan den Boedel van wijlen CORNELIS DEN HERTOG, in leven Bouwman, gewoond hebbende en op den 29 April dezes jaars overleden zijnde te Bleiswijk, worden verzocht daarvan opgave of betaling te doen, vóór of op den laatsten Julij 1828, ten Kantore van den Notaris JACOB VAN WANING, te Bleiswijk voorn.


IEMAND, eenige uren voor zich over hebbende, wenscht dezelve in het geven van grondig ONDERWIJS in de Hoogduitsche en Fransche Talen en in het Spelen op de Forte-Piano, de Violen en de Fluit, als ook in de Zang- Toon- en Teekenkunst te besteden, ook vleit hij zich in het Stellen der Forte-Piano’s te kunnen voldoen; verzoekt hiermede de gunst van diegenen, die hem de eer aan willen doen van zijn onderwijs gebruik te maken. Adres bij de Boekhandelaren Gebroeders THOMPSON, op de Hoogstraat, te Rotterdam.


Een PERSOON de gewone Kantoorwerkzaamheden verstaande, van wien de voldoendste informatien kunnen worden bekomen, zag zich gaarne geplaatst, hetzij als KANTOOR, REISBEDIENDE of wel op een GRAAN, WIJN- of ander KANTOOR; kunnende, zulks gevorderd wordende, een solide Borgtogt ten beloope van ƒ 6000 stellen. Adres, onder letter K, bij den Boekhandelaar M. DE BLEIJKER, op de Noordblaak, te Rotterdam. Brieven franco.

⁂ J. VOGELZANG, Ouden-Langendijk, te Delft, Uitvinder van een Radikaal MIDDEL tot wegneming van WANDLUIZEN, maakt bij deze bekend, dat hij meer dan 325 Panden heeft gereinigd, waaronder een Kasteel, eene Buitenplaats, een Gasthuis, twee Wees-, een Oudemannen- en een Oudevrouwenhuis, twee Zeeschepen en verscheiden Binnenvaartuigen. Hij is de eerste en eenigste, die zoo vele proeven heeft geleverd, en het kan hem niet missen, al is het nog zoo erg. Hij beveelt zich aan die Eigenaars, wier Panden besmet zijn. Brieven franco.


Men vraagt TE HUUR, digt bij de Stad, een TUIN, met eene Logeable WONING, of wel liefst Twee a Drie ruime VERTREKKEN met het gebruik van een TUIN of PLAATS. Adres bij den Drukker en Boekverkooper M. WIJT, te Rotterdam.


TE HUUR, met primo Augustus, eene of twee GEMEUBELEERDE of ONGEMEUBELEERDE ruime KAMERS, zeer geschikt tot het Houden van een Magazijn (des verkiezende ook een Kantoor met al wat er bij behoort), voorzien van alle Gemakken en hebbende een vrije Opgang; te bevragen bij J. A. GROENENDIJK, over de Fransche Kerk, te Rotterdam.


Een fatsoenlijk Heer genegen zijnde eene GEMEUBELEERDE KAMER, met den Kost, te hebben bij fatsoenlijke Lieden, op een aangenamen Stand binnen deze Stad, adressere zich, met gefrankeerde Brieven onder de letters H. B., bij den Boekhandelaar CORNELIS ARRENBERG, op de Noordblaak, te Rotterdam.

GIJSBERT KARDOL, Ondernemer van Publieke Verkoopingen van Roerende Goederen, wonende te Delft, is voornemens om, ten overstaan van den Notaris HENDRIK VAN DUIJL Jz., ten verzoeke van den Heer P. A. Verschaffelt, Bloemist, wonende te Gent, op Woensdag den 9 Julij 1828, des voormiddags ten tien ure, aan deszelfs Veuduhuis, aan het Oude Delft, wijk 1, n.o 84, publiek te verkoopen: Eene aanzienlijke sortering PLANTEN en BLOEMGEWASSEN, bestaande in Nieuwe Rozen, Camelia’s Mimoza’s, Rhododendrums, Laurierboomen en andere Planten en Gewassen meer; zijnde alles op Dingsdag den 8 Julij 1828, op de gewone uren, voor een ieder te zien.

ROTTERDAM den 7 julij.

Heden middag ten 12 ure is te Vlaardingen gearriveerd de eerste jager met 15 ton haring, welke, na afzending der geschenken aan de koninklijke familie en hooge ambtenaren, is verkocht tof ƒ 700 de ton.
— Op voordragt van Zijne Koninkl. Hoogheid den commissaris-generaal van oorlog heeft Zijne Majesteit de Koning eenige veranderingen in de organisatie des legers gemaakt. Het is nu afgedeeld in vijf divisien en tien brigades. De divisien zullen niet uitsluitend door luitenant-generaals maar ook door generaal-majoors, zoo ook de brigades niet uitsluitend door generaal-majoors maar ook door kolonels kunnen gecommandeerd worden, zoodat die rangen, welke bij eene armee te velde in het geval kunnen komen om, bij ontstentenis van den eigenlijken bevelhebber, in een hooger commando te moeten optreden, daartoe in tijd van vrede met alle dienstbetrekkingen, ook bij kampementen en evolutien, bekend worden. Deskundigen zien in deze maatregelen veel goeds.
Het corps agenten van het departement van oorlog zal door militaire intendanten vervangen worden. Er zullen intendanten en onder-intendanten van twee klassen zijn, ook adjuncten en adspiranten. Tot deze laatste zullen niet alleen geschikte onderofficieren maar ook andere jongelieden kunnen worden toegelaten, die door aanleg of studie voor de militaire administratie geschiktheid toonen.
Ook de generale staf is in eene betere verhouding tot de ware behoeften van den dienst gebragt. Dit is ook het geval met het corps mineurs en sappeurs, hetwelk tot dus ver buiten alle evenredigheid was met den dienst, welke de reeks van vestingen kan vorderen, wanneer derzelver verdediging eens noodzakelijk ware. De opleiding van een mineur en sappeur vereischt eene geregelde oefening, welke in tijden van oorlog niet in eenen dag wordt verkregen, zoodat de nieuwe inrigting deswege van veel belang kan geacht worden. Dat corps is op drie bataillons gebragt.
— De staten der provincie Utrecht hebben tot lid voor de Tweede Kamer der Staten-Generaal herkozen den heer W. R. baron van Tuyll van Serooskerken van Coelhorst.
Voor de provincie Groningen zijn herkozen de heeren jonkheer J. Hora Siccama van Slochteren en mr. J. Gockinga.
Voor Zeeland is herkozen de heer mr. P. J. Boddaert.
Voor Zuid-Braband zijn herkozen de heeren jonkheer F. J. G. de Snellinck, H. J. A. van den Hove en Claessens Moris.
Voor Oost-Vlaanderen zijn herkozen de heeren J. J. Huyttens Kerremans, ridder C. L. de Waepenaert en W. Goelens.
Voor West-Vlaanderen zijn herkozen de heeren Angillis en Coppieters Stochove, en in plaats van de heeren baron de Serret en Mesdach, de heeren Veranneman, burgemeester te Brugge, en Pyke, advocaat te Kortrijk, gekozen.
Voor de provincie Limburg is herkozen de heer graaf G. F. de Borchgrave en in plaats van den heer P. G. G. J. de Leonaerdts van Achel de heer de Surlet de Chokier gekozen.
Voor Namen is de heer T. A. G. Fallon herkozen.
In de zitting van de staten der provincie Luik heeft een der leden, de heer de Sauvage, een voorstel overhandigd, daartoe strekkende, dat de provinciale staten zich tot den Koning zouden wenden, om te verzoeken, dat het gouvernement, in gemeen overleg met de Staten-Generaal, de belasting op het gemaal mogt afschaffen. Dit voorstel is geteekend door de heeren de Sauvage, Nagelmaekers, Orban, Eloy de Burdinnes en d’Omatius-Thierry.
Nog een ander verzoekschrift zal worden aangeboden, ten onderwerp hebbende het verzoek om het budjet der provinciale ontvangsten en uitgaven, voor 1829, door den druk bekend te maken.
— In den nacht van vrijdag was te Utrecht de geheele stad in beweging, uit hoofde van een geweldige brand, die omstreeks 2 ure in de magazijnen van den houtkooper Wessels en van den timmerman Blanken, op de Kromme Nieuwe Gracht, uitbarstte en de bewoners met angst vervulde, doordien de vlammen der massa’s hout, aldaar opeen gestapeld, verschrikkelijk waren en voor ergere gevolgen deden vreezen, te meer daar reeds eenige in de nabijheid staande huizen in brand geraakten. De spoedig aangebragte hulp heeft die huizen gelukkiglijk gered en den verderen brand gestuit, waartoe met lof de medewerking van heeren studenten wordt geroemd. De activiteit van het garnizoen en van de schutterij heeft veel toegebragt om alle wanorde voor te komen. De houtloodsen zijn met den voorraad van timmer- en brandhout genoegzaam eene roof der vlammen geworden, terwijl van een nevensstaand gebouw het bovenste gedeelte is verbrand.
— Uit de verklaringen, in de registers van den burgerlijken stand opgenomen van den 30 junij tot en met den 5 julij 1828, blijkt van de geboorte van 54 kinderen, van het overlijden van 34 personen en van het huwelijk van 11 paren.
— Den 4 dezer, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis Jan en Jacobus, J. S. Okkes, en Fortuna, J. J. Cordes, van Pernau; Patientia, R. M. Larsen, en Moss, B. Alaksen, van Nerva; Agatha, J. T. de Jong, Harmonie, H. K. Potjewyd, Johan George, W. D. Kleininga, Diana, E. R. Huisman, en de Nieuwe Onderneming, K. L. Domeni, van Marennes; Amalia, C. M. Warring, van Riga, en de twee Gebroeders, J. Backer, van Holmstrand. Den 5den, des morgens, zeilde kapitein Deane, met de brieven van den 5 dezer, naar Harwich. Des namiddags, arriveerden Elize, S. J. Rahnart, Argo, C. Fretwurst, en Direction, P. Rieverts, van Riga, en Zijner Majesteits stoompacket Curaçao, luitenant J. W. Moll, van Curaçao. Den 6den, des morgens, kapitein Hart, met de brieven van den 5 dezer, van Harwich; Brutus, G. F. Blunt, van City Point, in Virginie (zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen); Diana, G. C. Mutz, en Carl Friederich, J. Daehn, van Riga; de wind Z. W.
Den 4 dezer, des namiddags, arriveerden in de Maas Anna Maria, J. H. Kramer, van Windau, en de Hoop, H. van den Bos, van Madeira. Den 5den, des morgens, Prince Leopold, F. Lawson, en the Lowther, B. Matthewman, van Hull, en Jane, H. Harnden, van Rye, en zeilden Eliza, J. Jessop, de jonge Pieter, J. Addison, Courier, P. de Best, en de Goede Hoop, H. B. de Jong, naar Hull; Raske Bonde, J. P. Nottland, naar Bergen; Jan Joseph, J. J. Heuvel, naar de Oost Zee, en de jonge Willem, W. Mellina, naar Marennes (zijnde alle wel in zee gekomen, behalve kapitein de Best, die door tegenwind op de reede terug gekomen is). Des namiddags, arriveerden Earl Bathurst, D. Pound, en Glory, T. Stiles, van Londen, en Wilhelmina Maria, J. J. Peters, van Riga. Den 6den, des morgens, King of the Netherlands, J. Pearson, van Londen; Sovereign, W. Austin, van Shoreham; Susanna, A. Law, van Riga, en Mary and Allison, J. Allen, van Windau, en vertrok Queen of the Netherlands, J. Pearson, naar Londen; de wind Z. Z. W. en W.
Den 6 dezer, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis Maria, J. Brinckman, van Riga; Delphin, J. C. Prehn, van Pernau; Elisabeth en Cornelia, J. Parlevliet, van Liverpool, en den 7den, des morgens, Nimrod, W. Robbertson, van St. Domingo (de laatste ligt quarantaine op de reede); de wind W.
Den 7 dezer, des morgens, arriveerden in de Maas the Deben, J. Dale, van Hull, en de eerste jager met 15 ton haring, en zeilden de Courier, P. de Best, naar Hull; Elizabeth, J. Morton, naar Ipswich; Geertruida, R. R. Tinteler, naar Fiert of Fort; Maria, J. Wallen, en Sophia, H. Baartman, naar Hamburg; de wind Z. W.
Den 4 dezer is door Zijner Majesteits stoompaket Curaçao, tusschen Wight en Bevezier, in goeden staat gepraaid het driemastschip Henrietta, kapitein Sneebeek, van Suriname, hebbende 46 dagen reis.
Kapitein H. van den Bos, voerende de rotterdamsche