Naar inhoud springen

Pagina:Sallustius, De samenzwering van Catilina (vert. Muller, 1893).pdf/57

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

hadden zij meer vrees dan eigenlijk gevaar doen ontstaan. Velen van hen nam de praetor Q. Metellus Celer gevangen, nadat hij volgens een senaatsbesluit hen voor het gerecht had gebracht; ditzelfde deed in Gallië aan gene zijde der Alpen C. Murena, die als legaat aan 't hoofd dier provincie stond.




HOOFDSTUK XLIII.


Te Rome had Lentulus met andere hoofden der samen zwering, naar 't scheen, groote troepen bijeengebracht, en men was overeengekomen dat, zoodra Catilina met zijn leger te Faesulae zou zijn aangekomen, de volkstribuun L. Bestia in een volksvergadering klachten zou uiten over de handelingen van Cicero, en aldus zou trachten de schuld van den gevaarlijken burgerkrijg op dien goeden consul te werpen. Dat zou een teeken zijn voor de andere samengezworenen, om in den eerstvolgenden nacht, elk zijn taak te gaan volbrengen. De werkzaamheden waren, naar het heette, aldus verdeeld: Statilius en Gabinius zouden met een groote bende tegelijkertijd twaalf geschikte plaatsen der stad in brand steken, om bij het tumult des te gemakkelijker tot den consul en de anderen, wien het gold, te kunnen doordringen; Cethegus zou Cicero's deur bezetten en hem overvallen, een ander weer anderen; de zoons van aanzienlijke familiën, die er talrijk bij waren, zouden hunne vaders vermoorden; en als dan allen door moord en brand verslagen waren, zou men zich naar Catilina spoeden.