Naar inhoud springen

Pagina:Sallustius, Jugurtha (vert. Busken Huet, 1894).pdf/14

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

mij met de publieke zaak in te laten, mijn ernstigen en nuttigen arbeid zullen uitmaken voor nietsdoen. Natuurlijk zijn deze personen de zelfde, die gelooven dat de gewichtigste bezigheid daarin bestaat, dat men iederen burger persoonlijk toespreekt, en door het geven van maaltijden zich aanhangers wint. Indien zij wilden bedenken, in welke omstandigheden ik openbare ambten bekleed heb, welke mannen er toen niet in slaagden die te veroveren, en welk soort van lieden sedert in den Senaat plaats nam, zullen zij van oordeel zijn, dat ik om goede redenen en niet uit indolentie, mijn levensdoel gewijzigd heb, en dat mijn private werkzaamheid meer nut kan stichten voor het algemeen, dan de politieke bezigheid van anderen. Zooals ik vaak heb hooren verhalen, plach ten Q. Maxumus. P. Scipio en andere in de geschiedenis van onzen Staat beroemde mannen, te zeggen, dat bij den aanblik van de beelden[1] hunner voorouders, geestdrift voor de deugd hun ziel overmeesterde. Het was en de gelaatstrekken waren het niet die zulk een aantrekkingskracht bezaten, maar bij het herdenken van de roemruchtige daden der voorouders, ontvlamde de ziel dier groote mannen, en kwam niet tot rust voor dat hun deugd den naam en roem der voorouders geëvenaard had. Wie is er thans, onder de tegenwoordige zeden, te vinden, die niet liever door rijkdom en verspilling, dan door eerlijkheid en vlijt met zijn voorouders wedijvert? Zelfs de nieuwelingen, die vroeger beproefden den adel door hun

  1. ↑ De huizen der Romeinsche edelen waren versierd met de portretten, meestal in was, der voorouders. Deze reeksen beelden vervingen de moderne genealogieën.