Naar inhoud springen

Pagina:Sallustius, Jugurtha (vert. Busken Huet, 1894).pdf/73

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

vertrouwd met de gesteldheid des lands en met de taktiek, dat men niet wist wanneer men hem het meest vreezen moest: afwezig of tegenwoordig, oorlogszuchtig of vrede zoekend.



XLVII.


Niet ver van den weg langs welken Metellus optrok, lag een stad der Numidiërs, Vaga; de meest beroemde handelsplaats van het geheele rijk, bewoond door talrijke kooplieden, inboorlingen van Italië. De Consul leide garnizoen in de vesting, ten einde de trouw der bewo ners op de proef te stellen, en indien zij de bezetting duldden, van de ligging der plaats partij te trekken; hij beval graan en andere oorlogsbehoeften bijeen te brengen; hij hoopte dat, zooals natuurlijk scheen, de toeloop der handelaars het leger van leeftocht zou voorzien en de reeds bijeengebrachte voorraden verdedigen. Terwijl deze maatregelen genomen werden, zond Jugurtha, meer dan ooit, smeekende onderhandelaars, en deed deemoedig vrede verzoeken; hij gaf alles aan Metellus over, uitgenomen zijn eigen leven en dat zijner kinderen. Zooals de vorige, zond de consul deze zendelingen terug, na hen overgehaald te hebben den Koning te verraden; hij stond den afgesmeekten vrede niet toe, maar wees hem ook niet van de hand; en wachtte onderwijl af tot de ge zanten zouden in het werk hebben gesteld wat zij beloofd hadden.