Naar inhoud springen

Pagina:Staatkundig Dagblad van het Departement der Zuiderzee 1811 no 012.pdf/6

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

( 6 )

et de représentation, dont je sais également et me servir et me passer, je n’accepte le libre don que vous m’offrez qu’afin de vous le remettre. Je désire qu’il soit employé à achever la construction des casernes commencées, et à soulager les autres charges que vous avez à supporter dans l’année prochaine.

» Je vous sais aussi bon gré de l’offre que vous voulez faire à la Reine; je verrai avec plaisir qu’elle accepte en son particulier cette marque de votre loyal attachement.

» Je ne veux poins finir sans vous témoigner principalement ma satisfaction sur le zèle, le dévouement et la fidélité que mes bons habitans de Cassel ont fuit éclater dans cette circonstance malheureuse, et je ne doute pas que leurs efforts n’eussent prévenu ou arrêté ce désastre, si cela eût été possible à des forces humaines.”

Le corps municipal a été ensuite admis à l’audience de S. M. la Reine.

(Journal de l’Empire.)

VARIÉTES.

Coup-d’œil rapide sur diverses révolutions da la philosophie.

(Extrait du Mercure de France.)

(Première suite; Voyez le no. 10.)

Constantin, en transportant à Constantinople le siége de l’Empire, prépara la chute de Rome; bientôt l’arianisme met tout en feu. Les Goths surviennent et ravagent l’Italie; Alaric est maître de Rome. Au milieu de tant de dissensions et de guerres pouvait-on se livrer à l’étude? On voit cependant paraître, vers cette époque, saint Jean de Damas qui, ayant étudié chez les Arabes, donna un corps de théologie scolastique, et Boece, auteur de la consolation de la Philosophie, et traducteur de Platon et d’Aristote; mais c’étaient les dernières étincelles d’un feu qui ne devait se rallumer de long-tems.

Les plus profondes ténebres vinrent couvrir toute l’Europe. Pendant près de huit siècles l’esprit humain, loin de faire aucun progrès, s’enfonça de plus en plus dans l’ignorance et la barbarie. La réligion consistait en apparitions, en reliques, en pélerinages, la justice en épreuves et en combats. On supposait des écrits, des titres; tout était marqué au coin de la fausseté, et à peine dans cette longue suite de siècles trouverait-on un seul ouvrage qui pût avouer le goût et la raison. On avait vu la magie s’introduire dans la philosophie; on redouta donc cette dernière science, on proscrivit toute étude profane, et au septième siècle nous voyons saint Grégoire-le-Grand se faire un mérite de violer les lois de la grammaire en écrivant. Bientôt toute la philosophie consista à savoir chanter au lutrin. heel bestaan uit voorwerpen van weelde en van pracht, waarvan ik mij bedienen en die ik ook ontbeeren kan, zoo neem ik de vrijwillige gift, die gij mij aanbiedt, slechts aan, om ul. die terug te geven. Ik wensch, dat dezelve gebezigd mag worden, om den begonnen kazernen te volbouwen en om de andere lasten, die gij in het volgende jaar te dragen zult hebben, te verligten.”

» Ik weet insgelijks ul. de gift dank, welke gij der Koningin wilt doen; ik zal met genoegen zien, dat zij, in haar particulier, dat bewijs van uwe edele gehechtheid aanneemt.”

» Ik wil niet eindigen, zonder u vooral mijne te vredenheid te betuigen, wegens den ijver, de geschiktheid en de getrouwheid, welke mijne goede inwoners van Kassel in die ongelukkige omstandigheid hebben doen uitblinken, en ik twijfel niet, of hunne pogingen zouden dat ongeluk of voorgekomen of gestuit hebben, indien zulks der menschelijke krachten mogelijk geweest ware.”

Het municipaal kollegie is vervolgens ter audientie van H. M. de Koningin toegelaten geworden.

(Journal de l’Empire.)


MENGELINGEN.

Vlugge blik over verscheidene omwentelingen, in de wijsbegeerte voorgevallen.

(Extract uit den Mercure de France.)

(Eerste vervolg; zie no. 10.)

Toen Konstantijn den zetel des Rijks naar Konstantinopolen overbragt, en alzoo den val van Rome voorbereidde, toen stelde het Arianismus welhaast alles in vlam. De Gothen verwoestten vervolgens Italie; Alaricus werd meester van Rome. Hoe kon men zich, te midden van alle die onlusten, van alle die oorlogen, der studie overgeven? Men zag middelerwijl, omstreeks dezen tijd, Johan van Damaskus te voorschijn treden, die, bij de Arabieren zijne studien hebbende volbragt, een corpus theologiæ scholasticæ (scholastieke godgeleerdheid)in het licht gaf, alsmede Boëtius, de schrijver der wijsgeerige vertroosting, en vertaler van Plato en Aristoteles; doch zulks waren slechts de laatste flikkeringen van een vuur, dat in lang niet weder moest ontbranden.
De diepste duisternis viel over Europa. Gedurende bijna acht eeuwen, verdiepte de menschelijke geest, verre van eenige vorderingen te maken, zich meer en meer in onkunde en barbaarschheid. De godsdienst bestond in verschijningen, in reliquiën en in pelgrimadiën; de geregtigheid in beproevingen en gevechten. Men verdichtte geschriften en bewijsstukken; alles was met het merk der valschheid geteekend, en naauwelijks zal men, gedurende die lange reeks van eeuwen, een enkel werk vinden, dat door de goede smaak en de rede kan worden goed gekeurd. Men had gezien, hoe de tooverkunst zich met de wijsbegeerte mengde, men schroomde derhalve laatstgenoemde wetenschap; men verwierp alle profane studien, en wij zien, dat Sint-Gregorius de Groote, in de zevende eeuw, zich er eene verdienste uit maakte, om, in zijne geschriften, de regels der grammatica te schenden. Welhaast bestond alle wijsbegeerte daarin, dat men in het choor kon zingen.