Naar inhoud springen

Pagina:Stedman, Reize naar Surinamen en Guiana Vol 2 (1799).pdf/223

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

De Tajiras bewoonen ook de zeekust, tusschen de Volkplanting van Surinamen, en de Rivier der Amazonen; hun getal is het meest aanzienlyk; men berekent ze op byna twintig duizend zielen in deeze bezitting alleen. Deeze Indianen zyn vreedzaam; maar zeer ongevoelig, en in veele opzigten gelyken zy naar de Worrows.

De Piannacotaus leven zeer verre in de binnen landen, en zyn vyanden van de Europeanen, met wien zy weigeren te handelen, of in de minste betrekking te staan. Dit kan ik 'er bovendien van zeggen, dat zy alle de Christenen in Guiana vermoorden zouden, indien zy 'er de magt toe hadden.

De eenige Indiaansche natie in dit Land, die my nog staat op te noemen, is die der Arrowouks: ik verkies dezelve boven alle anderen; — maar dewyl dit hooftstuk reeds vry lang geworden is, zal ik 'er by eene andere gelegenheid van spreken. Ik stap derhalven voor een oogenblik af van dit gelukkig volk, het welk noch van onderscheidingen van rang, noch van verdeelingen van landen, de bronnen van wanorde en twist by de verlichtste volken, eenige kennis heeft. Dit zelfde volk weet, in deszelfs gelukkig Land, alwaar groente en bloemen zig onophoudelyk vertoonen, in 't geheel niet wat behoefte en moeite is. De wenschen van hun,