gesproken heeft, en de geen, die my gezonden is, is de eenige, welken ik immer gezien heb. Ik heb hem aan verscheiden lieden getoond, die langen tyd hun verblyf in Surinamen gehouden hadden; maar hy was hun onbekend; derhalven moet hy op de plaatsen, van waar hy herkomstig is, zeldzaam zyn, of oorden bewoonen, die weinig bezogt worden. De zender van dit dier had geene byzonderheid opgemerkt, geschikt om deszelfs natuurlyke geschiedenis op te helderen; dienvolgende heb ik niets anders kunnen doen, dan eene afteekening van hem te maken". (Hist. Nat. de BUFFON; Edit, de Hollande, Tom. XIV, pag. 65.)
Het is waar, dat dit dier in Surinamen zeer zeldzaam is; maar dat hy door de natuur-kenners niet beter beschreven is, moet men ongetwyffeld toeschryven aan zyne ongemeene woestheid, die byna altyd belet, om hem levend te vangen.
De Bevelhebber en ik waren toen boezemvrienden, en dagelyks noodigde hy my aan zyne tafel. Hy verzogt my, om hem zyn pourtrait levensgrootte te maken, en hem in zyne veld-kleeding te vertoonen. Zyn oogmerk was, om dit naar Europa mede te neemen: hy hoopte, dat de Stad van Amsterdam het zelve op haare kosten zoude doen in 't koper brengen; hy oordeelde zig ie-