Naar inhoud springen

Pagina:Stedman, Reize naar Surinamen en Guiana Vol 2 (1799).pdf/314

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

eenen anderen gekapt of geschoren; en een derde is bezig, om de muggen van hem weg te jagen. Wanneer dit alles is afgeloopen, trekt hy een ander hembd aan, een kamisool, en een rok, die altoos van eene witte stof is. Alsdan brengt men hem onder een groot zonne-scherm, door eenen jongen Neger gedragen wordende, naar zyn vaartuig met zes of agt roeijers, het welk hem wagt, en waar in zyn Opzichter zorg gedragen heeft vruchten, wyn, water en tabak te laten brengen; maar dezelve heeft hem zoo dra niet zien vertrekken, of hy herneemt zynen toon van gezag, en zyne gewoone onbeschoftheid. Indien de Planter, op deezen dag, zyne Plantagie niet verlaat, ontbyt hy ten tien uuren; en om deeze maaltyd te nemen, zit hy aan eene tafel, in eene groote zaal geplaatst, en waar op hammen, gerookte tongen, gevogelte, of gekookte duiven, plantains, zoete cassave, brood, boter, kaas, enz, gevonden worden. Zyn drank is in dit oogenblik of zwaar bier, of Madéra-. Champagne- of Moesel-wyn. Zyn Opzichter houdt hem gezelschap, zig echter op eenen bekwamen afstand plaatsende, en beiden worden zy bediend door de schoonste en wel gemaaktste slaven. — Zie daar, het geen deeze heeren ontbyten noemen.

Wanneer deeze maaltyd geëindigd is, neemt de