NEGENTIENDE HOOFTSTUK.
Optocht van het Krygsvolk naar Barbacoeba, aan de Rivier Cottica. — De Palmboom-kool, en de Mauricy. — Heete koorts. — Trek van dankbaarheid in eenen Engelschen Matroos. — Verscheiden soorten van Peper. — Citroen- en Limoen-boomen. — De Mammy-appel. — Pimpernooten. — Regeering in Surinamen. — Honden van Guiana. — Ongemeene trek van edelmoedigheid.
Het regen-saisoen op nieuws naderende, trok de Colonel FOURGEOUD, na uit zyne soldaten die geenen te hebben uitgekozen, die de gezondsten waren, en in 't geheel niet meer dan een getal van één honderd en tachtig bedroegen, in aantocht, op den 3den July 1779, naar Barbacoeba, aan de Rivier Cottica, eene plaats, welke hy tot eene algemeene verzamelplaats, alvoorens de muitelingen aan te tasten, bepaald had. Ik had de eer onder het getal der geenen, die vertrekken moesten, te behooren; maar den Heelmeester verklaard hebbende, dat ik gevaar liep myn voet kwyt te raaken, indien ik door de bosschen ging, ontfing ik bevel, om op Maagdenberg te blyven,