der: wanneer zy gekookt is, heeft zy den smaak van bloemkool. Men plukt ook deeze lange en dunne bladen één voor één af, en maakt 'er eene uitmuntende salade van. Maar de kool der Palmboomen, het zy raauw, het zy gekookt, verwekt buikloop, wanneer men 'er te veel van eet. In derzelver holligheid, na dat alle de bladeren zyn weg genomen, legt een zwarte koren-worm zyne eieren, waar uit de palmboom-wormen voortkomen. De zachte zelfstandigheid, die nog in het hart van de kool overig is, dient, wanneer zy begint te verrotten, aan deezen worm tot voedzel. De kool van den Latanus-boom en andere zoorten van Palmboomen, word zoo groot niet, is minder zoet, en van eene verschillende gedaante van die, waar van ik zoo even sprak.
De Mauricy[1] is zekerlyk de grootste van
- ↑ Onze Reiziger zegt, dat de Franschen deezen boom Latanus-boom noemen: men weet, dat 'er twee van dien naam zyn. Hy heeft den eersten, die tot het geslacht der Palmboomen behoort, in het I. Deel, X. Hooftst bladz. 308, beschreven. De beschryving van zynen Mauricy past op den tweeden niet. Verscheiden Natuurkenners, welken ik geraadpleegd heb, hebben hem geenen naam, die aan zyn zoort byzonder eigen was, kunnen geven; ik heb dus gemeend, zoo hier als op de Plaat, die hem vertoont, den naam te moeten be-