standig bestuur nog merkelyk zouden kunnen vermeerderen; na al mede betoogd te hebben, dat het grootste gedeelte deezer inkomsten ten voordeele der Republiek koomt, terwyl de Colonisten met belastingen bezwaard zyn, die hen noodzaken tot vreemde middelen hunnen toevlucht te nemen, en misschien eerlyke lieden in schurken doen verkeeren; zal ik thans, by wege van een vervolg, een korten staat opgeven van den koophandel der Noord-Americaanen met deeze Volkplanting. — Zy komen aldaar uit Virginië, Rhode-Island, Nieuw-York, Boston, Jamaica, Grenada, Antigoa, het Eiland Barbados, enz, in kleine brikken, sloepen, enz. Zy brengen meel aan, ossen- en varkens-vleesch, haring, zout, makreel, bladen tabak voor de Negers, denne planken, rhum, sterke dranken, suiker-brooden[1], spermaceti-kaarssen, uijen enz. Elk schip is daarënboven verpligt een paard aan te brengen: de eigenaar van 't schip ontheft zig daar van dikwils door een list: hy vertoont den kop van zoodanig dier, en verzekert, dat hy het aan boord genomen heeft, maar dat het op de reize gestorven is. Tegen deze
- ↑ Ik heb reeds gezegd, dat men in deeze Volkplanting geen rhum maakt, en geen suiker raffineert.
Aanteek. van den Schryver.