Naar inhoud springen

Pagina:Stedman, Reize naar Surinamen en Guiana Vol 4 (1800).pdf/10

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

Het eerste bezoek, dat ik ontfing, was van den Capitain LEWIS, die my berigtte, dat MACDONALD, die dankbaare matroos, van wien ik hier boven gesproken heb, op zyne te rug reize, na eenen tocht van twaalf dagen was overleden. Deeze brave jongen had den Capitain verzocht my van zynent wegen te groeten, en my ter hand te stellen de schelp van paarel d'amour, met zilver omzet, welke ik hem gegeven had.

Een groot aantal Planters en Colonisten wenschten ons geluk met onzen goeden uitslag tegen de muitelingen. De beruchte GRAMAN QUACY vertoonde my ook den fraaijen rok, en gouden gedenkpenning, hem door den Prins van Oranje geschonken. Deeze Africaan, want hy was van de kust van Guinee geboortig, vond middel, om, door zyn inneemend character en door zyne slimheid, zig niet alleen de vryheid, maar zelfs een gemakkelyk leven, te bezorgen.

Onder de slaven van het laagste zoort den naam van Lockoman, of toovenaar, verkregen hebbende, werd 'er op de Plantagiën geene misdaad gepleegd, of GRAMAN QUACY wierd geroepen, om den schuldigen te ontdekken; het geen hy zeer dikwils deed, uit hoofde zyner doorzichtigheid, geholpen door het vertrouwen, het welk de Negers op zyne tooverstreeken stelden, en door het ge-