Pagina:Tweede reize door de Majorij van 's Hertogenbosch.pdf/158

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

( 138 )

om zich daar te laaten branden; worden zij dan niet dol, gelijk natuurlijk volgen moet, als zij van geenen dollen maar van eenen anderen hond, gelijk zulks bijna altijd het geval is, gebeeten zijn, dan heeft St. Hubertus wonderen verrigt. – Wat dunkt U van dit valsch en onredenlijk Bijgeloof? – Wanneer zal men toch eens in de Majorij aan het gezond Verstand hulde bieden? –

Kollen, ſpooken, hekſen, weerwolven en wat dergelijke zotternijën meer zijn, zijn de ſchrik der Majorijënaars, gelijk ik U in het voorige jaar geſchreeven heb. Deeze vrees woont zóó vast bij elken Roomschgezinden, dat zij nimmer kan uitgeroeid worden; zij word den kinderen met den paplepel ingegeeven, en veele Priesters vuuren, uit ſnood eigenbelang, dit Bijgeloof aan. Ik heb veelen trachten te overtuigen van de onmooglijkheid der Spooken, zij ſtemden mij alles toe, en evenwel bleeven zij in hun Bijgeloof – Waarlijk, mijn Vriend! de oude Heidenen bezaten meer gezond Menſchen-verſtand dan de hedendaagsche Roomſche Majorij-bewooners. Horatius althands ſpot met zulke zotternijën, zeggende[1]:

Somnia, terrores magicos, miracula, Sagas,
Nocturnos Lemures, portentaque Thesſala rides.

of op zijn Hollandsch:

„Be-
  1. Lib.: II., Epiſt: II. Verss. 209, 210.