Pagina:Tweede reize door de Majorij van 's Hertogenbosch.pdf/221

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

(201)

gezag van zulk een Hoofd, de Proteſtanten hunne Kerken behouden of verliezen? – – Ik zou meer kunnen vraagen, doch wie zal mij antwoorden? derhalven geene enkele vraag meer over dit ſtuk.

Dezelfde Zender heeft mij in eenen tweeden brief nog het volgende toegeſchikt:]

Nu 'er weder een nieuw Hoofd aan de Roomſche Hiërarchié [Gregorius Chiaramonti, onder den naam van Paus Pius VII.] verſcheenen is, zal men eerlang zien, wat order Het wegens de Kerken geeven zal; maar – zullen de Decretaalen der Pauzen en der Conciliën gelden, dan kunnen of moogen zij [de Roomſchen] 'er geen gebruik van maaken; ten zij alle de beeneren der daarin rustende Ketteren worden weggedaan, en de Kerk door een' Bisſchop weder worde ingewijd, en dan zorg gedraagen, dat 'er geene Ketterſche Lijken in begraaven worden, welk recht het Wetgeevend Ligchaam aan de eigenaars der graven blijft garandeeren. Zoo lang dus een Ketter eigenaar van een graf is en blijft, blijft ook de Kerk onrein, en is tot den Roomſchen Kerkdienst onbekwaam. [Met nieuwsgierigheid zie ik de uitſpraak van Pius Septimus, aangaande dit ſtuk, ten gemoete, zij zal zeker volgen, doch zoo lang dit niet gebeurd is, zeg ik: Exitus rei hoc indicabit, of in het Hollandsch: De tijd zal het leren!

N5
Aan