Pagina:Tweede reize door de Majorij van 's Hertogenbosch.pdf/251

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen
( 231 )

minſten dit word zoo verteld) om den Tuin te vernielen, het Huis, waarin de Predikant zou woonen, te beſmeeren, zelfs in brand te ſteeken, verzeld ging. – – De Kerk te Deurne is thands in het bezit der Roomſchen, doch zij doen 'er nog geenen dienst in, denklijk: omdat de Vicarius niet wil, dat 'er, zoo lang als 'er nog Graven in zijn, die aan de Hervormden toebehooren, Misſe in zal geleezen worden. Als 'er een zieke is, word 'er echter 's avonds laat eenen Roozenkrans in gebeeden. – Men heeft hier den Hervormden Schoolmeester zeer veele onäangenaamheden aangedaan. De Drost is een Roomſche Wever. – Te Helmond is een Roomſche Schoenlapper Drost. – Te Nunen is een verloopen Student, die reeds verſcheidene wijïngen tot Priester ontvangen had, Schoolmeester; Hij kan naauwlijks ſchrijven, en niet eens behoorlijk ſpellen.





[Zeer onverwacht, denkende dat men niet eens meer aan den Majorijſchen Reiziger dacht, ontving ik den onderſtaanden Brief, welken ik van woord tot woord hier nog bijvoege.]

Wel-Edele Heer!

Ik heb uwe Reize door de Majorij in 1798, deels met genoegen, omdat ik 'er veel uit geleerd heb, dat ik van te vooren niet wist, deels met

groo-
P4