Pagina:Tweede reize door de Majorij van 's Hertogenbosch.pdf/72

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

(52)

tijd voor mij, om ter kooi te gaan, dus – het vervolg hier na.

 Vervolg.

Heeze is een groot doch geen schoon Dorp, de huizen liggen veel te verspreid. Aan de eene zijde van het Dorp ziet men de groote Kerk, en aan de andere zijde eene Kapel, waarin de Hervormden hunnen Godsdienst verrichten. – Het Kasteel is een prachtig, groot en schoon gebouw, liggende zeer aangenaam aan het riviertjen de Rul, men gaat naar hetzelve door eene schoone lijnregte dreef, welke vlak tegen over de Kapel gelegen is, dit geeft geen onäartig gezigt; men vind daar ook veele groote Dennen-bosschen, welke alle aan den Heere der plaats in eigendom toebehooren; deeze leveren, benevens andere Wandelwegen, veel vermaak op voor eenen vreemdling, zo hij ten minsten een liefhebber van wandelen is. Zoo lang ik hier geweest ben, heb ik den meesten tijd met wandelen en het bezoeken deezer Bosschen doorgebragt, dit verkoos ik veel liever, dan in mijne herberg paalvast te blijven zitten, en mij zelven dus van een onschuldig vermaak, het wandelen, te berooven. – Ik neem deezen brief, wijl hij der moeite om te verzenden nog niet waardig is, mede; zoodra ik hem met wat meer letters opgevuld heb, zend ik hem U toe, doch wanneer dit weezen

zal,