ingevolge enige bestaande internationale overeenkomst onverlet, behalve indien de uitoefening van die rechten of de nakoming van die verplichtingen ernstige schade zou veroorzaken aan, of een bedreiging zou vormen voor, de biologische diversiteit.
2. De Verdragsluitende Partijen passen dit Verdrag wat het mariene milieu betreft toe in overeenstemming met de rechten en verplichtingen van Staten krachtens het recht van de zee.
Artikel 23. Conferentie van de Partijen
1. Hierbij wordt een Conferentie van de Partijen ingesteld. De eerste vergadering van de Conferentie van de Partijen wordt belegd door de Uitvoerend Directeur van het Milieuprogramma van de Verenigde Naties uiterlijk één jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag. Daarna worden gewone vergaderingen van de Conferentie van de Partijen gehouden met een door de Conferentie op haar eerste vergadering te bepalen regelmaat.
2. Buitengewone vergaderingen van de Conferentie van de Partijen kunnen op ieder ander tijdstip worden gehouden indien de Conferentie zulks noodzakelijk acht, of op schriftelijk verzoek van een Partij, op voorwaarde dat dit verzoek door ten minste een derde van de Partijen wordt gesteund binnen zes maanden nadat het aan hen is medegedeeld door het Secretariaat.
3. De Conferentie van de Partijen bereikt door middel van consensus overeenstemming over en neemt aan een reglement van orde voor haarzelf en voor elk door haar in te stellen hulporgaan, alsmede over het financieel reglement betreffende de financiering van het Secretariaat. Op elke gewone vergadering neemt zij een begroting aan voor het financiële tijdvak tot de volgende gewone vergadering.
4. De Conferentie van de Partijen toetst de toepassing van dit Verdrag en daartoe:
5. De Verenigde Naties, haar gespecialiseerde organisaties en de Internationale Organisatie voor Atoomenergie, alsmede elke Staat die geen Partij bij dit Verdrag is, kunnen als waarnemers worden vertegenwoordigd op de vergaderingen van de Conferentie van de Partijen. Elke andere instelling of organisatie, gouvernementeel of niet-gouvernementeel, die bevoegd is op gebieden verband houdende met het behoud en het duurzame gebruik van de biologische diversiteit en die aan het Secretariaat haar wens te kennen heeft gegeven op een vergadering van de Conferentie van de Partijen te zijn vertegenwoordigd als waarnemer, kan als zodanig worden toegelaten, tenzij ten minste een derde van de Partijen hiertegen bezwaar maakt. De toelating en de deelneming van waarnemers wordt geregeld in het door de Conferentie van Partijen aangenomen reglement van orde.