2. Het Hof van Justitie van de Europese Unie kan in bij hem aanhangig gemaakte zaken de noodzakelijke voorlopige maatregelen gelasten.
Artikel III-380
De arresten van het Hof van Justitie van de Europese Unie zijn uitvoerbaar overeenkomstig het bepaalde in van artikel III-401.
Artikel III-381
Het statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie wordt vastgesteld bij een protocol.
De bepalingen van het statuut kunnen bij Europese wet worden gewijzigd, met uitzondering van titel I en artikel 64 daarvan. De wet wordt vastgesteld hetzij op verzoek van het Hof van Justitie en na raadpleging van de Commissie, hetzij op voorstel van de Commissie en na raadpleging van het Hof van Justitie.
Onderafdeling 6
Europese Centrale Bank
Artikel III-382
1. De Raad van bestuur van de Europese Centrale Bank bestaat uit de leden van de directie van de Europese Centrale Bank en de presidenten van de nationale centrale banken van de lidstaten die niet onder een derogatie in de zin van artikel III-197 vallen.
2. De directie bestaat uit de president, de vice-president en vier andere leden.
De president, de vice-president en de overige leden van de directie worden gekozen uit personen met een erkende reputatie en beroepservaring op monetair of bancair gebied. Zij worden met gekwalificeerde meerderheid van stemmen door de Europese Raad benoemd op aanbeveling van de Raad en na raadpleging van het Europees Parlement en de Raad van bestuur van de Europese Centrale Bank.
Zij worden voor een periode van acht jaar benoemd en zijn niet herbenoembaar.
Alleen de onderdanen van een van de lidstaten kunnen lid van de directie zijn.
Artikel III-383
1. De voorzitter van de Raad en een lid van de Commissie kunnen zonder stemrecht aan de vergaderingen van de Raad van bestuur van de Europese Centrale Bank deelnemen.
De voorzitter van de Raad kan aan de Raad van bestuur van de Europese Centrale Bank een motie ter bespreking voorleggen.