2. De centrale banken van de lidstaten die vallen onder een derogatie als bedoeld in artikel III-197, lid 1, van de Grondwet behouden hun bevoegdheden op het gebied van het monetair beleid overeenkomstig de nationale wetgeving.
3. Overeenkomstig artikel III-197, lid 2, tweede alinea, van de Grondwet wordt "lidstaten" in artikel 3, artikel 11, lid 2, en artikel 19 van dit statuut gelezen als "lidstaten die de euro als munt hebben".
4. "Nationale centrale banken" wordt gelezen als "centrale banken van de lidstaten die de euro als munt hebben" in artikel 9, lid 2, artikel 10, leden 2 en 3, artikel 12, lid 1, artikelen 16, 17, 18, 22, 23, 27, 30, 31, 32, artikel 33, lid 2, en artikel 50 van dit statuut.
5. "Aandeelhouders" wordt gelezen als "nationale centrale banken van de lidstaten die de euro als munt hebben" in artikel 10, lid 3, en artikel 33, lid 1.
6. "Het geplaatste kapitaal van de Europese Centrale Bank" wordt gelezen als "het kapitaal van de Europese Centrale Bank dat is geplaatst bij de nationale centrale banken van de lidstaten die de euro als munt hebben" in artikel 10, lid 3, en artikel 30, lid 2.
Artikel 43
Overgangstaken van de Europese Centrale Bank
De Europese Centrale Bank neemt de in artikel III-199, lid 2, van de Grondwet bedoelde vroegere functies van het Europees Monetair Instituut over die na de invoering van de euro wegens de derogaties van een of meer lidstaten nog moeten worden vervuld.
De Europese Centrale Bank verstrekt advies bij de voorbereiding van het intrekken van de derogaties bedoeld in artikel III-198 van de Grondwet.
Artikel 44
Algemene Raad van de Europese Centrale Bank
1. Onverminderd artikel III-187, lid 1, van de Grondwet, wordt de Algemene Raad opgericht als derde besluitvormend orgaan van de Europese Centrale Bank.
2. De Algemene Raad bestaat uit de president en de vice-president van de Europese Centrale Bank en de presidenten van de nationale centrale banken. De overige leden van de directie mogen zonder stemrecht deelnemen aan de vergaderingen van de Algemene Raad.
3. De verantwoordelijkheden van de Algemene Raad zijn volledig opgesomd in artikel 46.