Wensende, het in artikel III-393 van de Grondwet bedoelde statuut van de Europese Investeringsbank vast te stellen,
Hebben overeenstemming bereikt omtrent de volgende bepalingen, die aan het Verdrag tot vaststelling van een grondwet voor Europa worden gehecht:
Artikel 1
De in artikel III-393 van de Grondwet bedoelde Europese Investeringsbank, hierna te noemen, "de Bank", wordt opgericht en oefent haar functies en werkzaamheden uit overeenkomstig de Grondwet en dit statuut.
Artikel 2
De taak van de Bank is in artikel III-394 van de Grondwet omschreven.
Artikel 3
Overeenkomstig artikel III-393 van de Grondwet zijn de lidstaten de leden van de Bank.
Artikel 4
1. Het kapitaal van de Bank bedraagt 163.653.737.000 euro, waarin door de lidstaten voor de volgende bedragen wordt deelgenomen:
| Duitsland | 26 649 532 500 |
| Frankrijk | 26 649 532 500 |
| Italië | 26 649 532 500 |
| Verenigd Koninkrijk | 26 649 532 500 |
| Spanje | 15 989 719 500 |
| België | 7 387 065 000 |
| Nederland | 7 387 065 000 |
| Zweden | 4 900 585 500 |
| Denemarken | 3 740 283 000 |