Artikel 18
Voor de toepassing van dit Protocol handelen de instellingen van de Unie in overeenstemming met de verantwoordelijke autoriteiten van de betrokken lidstaten.
Artikel 19
De artikelen 11 tot en met 14 en 17 zijn van toepassing op de leden van de Commissie.
Artikel 20
De artikelen 11 tot en met 14 en 17 zijn van toepassing op de rechters, de advocaten-generaal, de griffiers en de toegevoegde rapporteurs van het Hof van Justitie van de Europese Unie, onverminderd de bepalingen van artikel 3 van het Protocol tot vaststelling van het statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie nopens de vrijstelling van rechtsvervolging van de rechters en de advocaten-generaal. De artikelen 11 tot en met 14 en 17 zijn tevens van toepassing op de leden van de Rekenkamer.
Artikel 21
Dit Protocol is tevens van toepassing op de Europese Centrale Bank, de leden van haar organen en haar personeel, onverminderd het Protocol tot vaststelling van het statuut van het Europees Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank.
De Europese Centrale Bank wordt voorts vrijgesteld van elke fiscale en parafiscale heffing bij de uitbreiding van haar kapitaal, alsmede van de verschillende formaliteiten die hieraan verbonden zijn in de staat waar de zetel gevestigd is. De werkzaamheden van de Bank en van haar organen, die worden uitgeoefend overeenkomstig het statuut van het Europese Stelsel van centrale banken en van de Europese Centrale Bank, geven geen aanleiding tot de heffing van omzetbelasting.
Artikel 22
Dit Protocol is tevens van toepassing op de Europese Investeringsbank, de leden van haar organen, haar personeel en de vertegenwoordigers van de lidstaten, die aan haar werkzaamheden deelnemen, onverminderd het Protocol tot vaststelling van haar statuut.
De Europese Investeringsbank is voorts vrijgesteld van elke fiscale en parafiscale heffing bij de uitbreiding van haar kapitaal, alsmede van de verschillende formaliteiten die hieraan verbonden zijn in de staat waar de zetel gevestigd is. Haar opheffing en liquidering brengen evenmin enige heffing mede. Ten slotte geven de werkzaamheden van de Bank en van haar organen, die worden uitgeoefend overeenkomstig de statutaire voorwaarden, geen aanleiding tot de heffing van omzetbelasting.