Naar inhoud springen

Pagina:Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa (tractatenblad 2004 - 275).pdf/278

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

Deze regeling geldt uitsluitend voor groeperingen:

a. die zijn opgericht op initiatief van de producenten zelf;

b. die voldoende garantie bieden inzake de duur en de doelmatigheid van hun optreden;

c. die zijn erkend door de betrokken lidstaat.

5. De regeling voor de handel van de Unie met derde landen wordt niet nadelig beïnvloed. In dit verband mogen in het bijzonder geen restrictieve maatregelen bij invoer worden genomen.

6. Bij Europese wet van de Raad worden de nodige aanpassingen van de bij deze afdeling ingestelde regeling vastgesteld. De Raad stelt, op voorstel van de Commissie, bij Europese verordening of Europees besluit de basisvoorschriften vast die nodig zijn voor de toepassing van de bepalingen van deze afdeling.

De Raad besluit na raadpleging van het Europees Parlement.


AFDELING 4
BEPALINGEN BETREFFENDE DE ECONOMISCHE EN INDUSTRIËLE ONTWIKKELING VAN GRIEKENLAND


Artikel 24

De lidstaten nemen ervan kennis dat de Griekse Regering een aanvang heeft gemaakt met de uitvoering van een politiek inzake industrialisatie en economische ontwikkeling die ten doel heeft de levensstandaard in Griekenland nader te brengen tot die in de andere lidstaten en het tekort aan werkgelegenheid op te heffen, en tegelijk de regionale verschillen in ontwikkeling geleidelijk weg te werken.

Zij erkennen dat het in hun gemeenschappelijk belang is dat de doelstellingen van dit beleid worden verwezenlijkt.

Te dien einde wenden de instellingen alle middelen en procedures aan waarin de Grondwet voorziet, met name door op doeltreffende wijze gebruik te maken van de middelen van de Unie die dienen ter verwezenlijking van haar doelstellingen.

In het bijzonder dient in geval van toepassing van de artikelen III-167 en III-168 van de Grondwet rekening te worden gehouden met de doelstellingen van economische expansie en verhoging van de levensstandaard van de bevolking.


AFDELING 5
BEPALINGEN BETREFFENDE DE UITWISSELING VAN KENNIS OP NUCLEAIR GEBIED MET DE HELLEENSE REPUBLIEK


Artikel 25

1. Vanaf 1 januari 1981 wordt de kennis waarvan overeenkomstig artikel 13 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie mededeling is gedaan aan de lidstaten en aan perso-