nemen aan dit besluit deel voor zover het verband houdt met de bepalingen van het Schengenacquis en de daarop voortbouwende of op een andere wijze daaraan gerelateerde handelingen waaraan deze lidstaten deelnemen.
3. De door de Raad uit hoofde van artikel 6 van het Schengenprotocol gesloten overeenkomsten zijn vanaf 1 mei 2004 verbindend voor de nieuwe lidstaten.
4. De nieuwe lidstaten zijn met betrekking tot de overeenkomsten of instrumenten op het gebied van justitie en binnenlandse zaken die onlosmakelijk zijn verbonden met de verwezenlijking van de doelstellingen van het EU-Verdrag ertoe gehouden:
a. toe te treden tot de overeenkomsten of instrumenten die vóór 1 mei 2004 zijn opengesteld voor ondertekening door de huidige lidstaten, alsmede tot de overeenkomsten of instrumenten die door de Raad overeenkomstig Titel VI van het EU-Verdrag zijn opgesteld en waarvan hij de aanneming aan de lidstaten heeft aanbevolen;
b. bestuursrechtelijke en andere regelingen in te voeren in de trant van de regelingen die de huidige lidstaten of de Raad vóór 1 mei 2004 hebben aangenomen ter vergemakkelijking van de praktische samenwerking tussen de instellingen en organisaties van de lidstaten die actief zijn op het gebied van justitie en binnenlandse zaken.
Artikel 4
Vanaf 1 mei 2004 neemt iedere nieuwe lidstaat aan de economische en monetaire unie deel als lidstaat die onder een derogatie valt in de zin van artikel III-197 van de Grondwet.
Artikel 5
1. De nieuwe lidstaten, die bij de Akte van toetreding van 16 april 2003 zijn toegetreden tot de door de Vertegenwoordigers van de Regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, genomen besluiten en gesloten overeenkomsten, zijn ertoe gehouden toe te treden tot elke andere door de huidige lidstaten gesloten overeenkomst die de werking van de Unie betreft of in nauw verband staat met het optreden van deze Unie.
2. De nieuwe lidstaten zijn ertoe gehouden toe te treden tot de overeenkomsten bedoeld in artikel 293 van het EG-Verdrag en tot de overeenkomsten die niet te scheiden zijn van de verwezenlijking van de doelstellingen van het EG-Verdrag, voorzover deze nog van kracht zijn, alsmede tot de Protocollen betreffende de uitlegging door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van deze overeenkomsten, die door de huidige lidstaten zijn ondertekend, en te dien einde onderhandelingen aan te knopen met deze lidstaten om daarin de vereiste aanpassingen aan te brengen.