Artikel 5
1. De in artikel 4 bedoelde kennisgeving vindt uiterlijk zes maanden na de definitieve vaststelling van een maatregel plaats, indien die maatregel een uitwerking van het Schengenacquis inhoudt.
Indien Denemarken aangaande die maatregelen de in de artikelen 3 en 4 bedoelde kennisgeving nalaat, overwegen de lidstaten die door die maatregelen gebonden zijn en Denemarken welke passende stappen moeten worden.
2. Een kennisgeving overeenkomstig artikel 3 met betrekking tot maatregelen die een uitwerking van het Schengenacquis inhouden, wordt onherroepelijk geacht een kennisgeving overeenkomstig artikel 3 te zijn ten aanzien van voorstellen of initiatieven die een uitwerking van die maatregel inhouden, voorzover die voorstellen of initiatieven een uitwerking van het Schengenacquis inhouden.
Artikel 6
Indien Denemarken, in gevallen als bedoeld in dit deel, gebonden is door een door de Raad overeenkomstig deel III, titel III, hoofdstuk IV, van de Grondwet vastgestelde maatregel, zijn de desbetreffende bepalingen van de Grondwet van toepassing op Denemarken wat betreft die maatregel.
Artikel 7
Indien Denemarken niet gebonden is door een overeenkomstig deel III, titel III, hoofdstuk IV, van de Grondwet vastgestelde maatregel, mag deze maatregel voor Denemarken geen andere financiële gevolgen hebben dan de ermee gepaard gaande administratieve kosten voor de Instellingen, tenzij de Raad met eenparigheid van stemmen anders besluit, na raadpleging van het Europees Parlement.
21. Protocol betreffende de buitenlandse betrekkingen van de lidstaten in verband met de overschrijding van de buitengrenzen
De Hoge Verdragsluitende Partijen,
in aanmerking nemend dat de lidstaten doeltreffende controles aan hun buitengrenzen moeten kunnen garanderen, waar nodig in samenwerking met derde landen,
Hebben overeenstemming bereikt omtrent de volgende bepaling, die aan het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa wordt gehecht: