Naar inhoud springen

Pagina:Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa (tractatenblad 2004 - 275).pdf/397

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

6. Protocol betreffende de plaats van de zetels van de instellingen en van bepaalde organen, instanties en diensten van de Europese Unie

7. Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie

8. Protocol betreffende de verdragen en akten inzake de toetreding van het Koninkrijk Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek, alsmede de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden

9. Protocol betreffende het verdrag en de akte inzake de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek

10. Protocol betreffende de procedure bij buitensporige tekorten

11. Protocol betreffende de convergentiecriteria

12. Protocol betreffende de Eurogroep

13. Protocol betreffende enkele bepalingen met betrekking tot het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland ten aanzien van de economische en monetaire unie

14. Protocol betreffende enkele bepalingen inzake Denemarken ten aanzien van de economische en monetaire unie

15. Protocol betreffende bepaalde taken van de Nationale Bank van Denemarken

16. Protocol betreffende de regeling voor de frank van de Financiële Gemeenschap van de Stille Oceaan

17. Protocol betreffende het in het kader van de Europese Unie geïntegreerde Schengenacquis

18. Protocol betreffende de toepassing van bepaalde aspecten van artikel III-130 van de Grondwet op het Verenigd Koninkrijk en Ierland

19. Protocol betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland ten aanzien van het beleid inzake grenscontrole, asiel en immigratie, evenals ten aanzien van justitiële samenwerking in burgerlijke zaken en de politiële samenwerking

20. Protocol betreffende de positie van Denemarken

21. Protocol betreffende de buitenlandse betrekkingen van de lidstaten in verband met de overschrijding van de buitengrenzen

22. Protocol betreffende asiel voor onderdanen van lidstaten

23. Protocol betreffende permanente gestructureerde samenwerking, ingesteld bij artikel I-41, lid 6, en artikel III-312 van de Grondwet